Sprinkhanen Velka Fatra
Sprinkhanen(Orthoptera) in de Velka Fatra, Slowakije(Slovakia)
Sprinkhanen in de
Velka Fatra, Slowakije
Inleiding /Summary
During the JNM Jeugdbond summercamp in 1995 35 different species of grasshoppers (Tettigoniidae, Gryllidae, Tetrigidae, Acrididae) were observed. Most grasshoppers were determined by the German guide written by Bellmann. The Turiec-valley and the meadows on the slopes of the Velka Fatra were investigated extensively on Orthoptera. Other good localities were the marshes at Mosocvce and Raksa en the mountain meadows on the Velka Fatra, Mala Fatra and the Vysoke Tatry. Unfortunately only special observations are documented well, and common species were not written down often.
Sprinkhanen, door de Slowaakse inboorlingen
"zaby" genoemd, zijn een groep insekten met nu eens
vrij weinig soorten. Zelfs in Slowakije blijft het
overzichtelijk; tijdens het kamp zijn ongeveer 35 soorten
waargenomen. Onmisbaar bij het op naam brengen was de Bellman,
een Duitse Sprinkhanengids waar prachtige foto's van de meeste
soorten in stonden. Het gebied rond de kampplaats in Blatnica zal
elders in dit verslag al wel beschreven zijn, maar toch moet er
nog iets meer over gezegd worden. De meeste sprinkhaansoorten
houden erg van warmte en zon. De hele ontwikkeling van
ei-larve-volwassen sprinkhaan-partner zoeken-eiafzet moet in 6
maanden voltooid worden. Bij hogere temperaturen komen de eieren
sneller uit en groeien de larven sneller, waardoor de vrouwtjes
de eieren kunnen afzetten voor de eerste nachtvorsten.
Sprinkhanen zoeken dan ook vrijwel altijd de zon op. Sommige
soorten kunnen hun ontwikkeling alleen voltooien in de warmste
biotopen, zoals droge hellinggraslanden. Maar er zijn ook
sprinkhanen die speciaal in koelere biotopen voorkomen.

De belangrijkste warme gebieden waar op het kamp naar sprinkhanen is gezocht zijn de wegbermen en weiden in het Turiec-dal en de kalkgraslanden op de hellingen van de Vel'ka Fatra. Interessante koele biotopen waren de kalkmoerasjes bij Mosovce en Raksa, en de bergweiden op de Vel'ka Fatra, de Mala Fatra en de Vysoke Tatry (Hoge Tatra).
Dit verslag behandelt verder vooral de interessantste soorten en biotopen. Helaas zijn de waarnemingen van de algemeenste soorten absoluut niet volledig, omdat die minder gauw in de excursieboekjes belanden. Hier kan dus niet heel veel over gezegd worden. Soorten die niet in Nederland voorkomen hebben in dit verslag soms toch een Nederlandse naam gekregen. Deze waren op het kamp bedacht en zijn er zelfs al een beetje ingesleten.
Deel 1: Soortenlijst met opmerkingen
Sabelsprinkhanen (Tettigoniidae)
"Grote struiksprinkhaan"
(Isophya pyrenea)
The latin name already explains that this species is present
in mountainous regions. The species was hard to find due to its
perfect green hiding colours and its slow behaviour. Also the
sound is no help, because it was not loud and only audible from
close distances (several meters). These are probably the reasons
why the species was hard to find. One male was found on a Apiaceae
in the Blatnica dolina valley, near the path. Only 15 individuals
were present on a mountain meadow on the Big Mama (also Tlsta
called). Most of this population was present on Urtica dioica
on the transition from the mountain meadow to open mountain
forest. - I found Isophya in the same habitat on the
Sneznik (Slovenia, red) - One of the males had very distinct
characteristic wine red lines on its abdomen. After we had
discovered the first individual we found out that not one but
about fifteen individuals were present. It was hard to say how
common this species is in this area.
Zoals zijn latijnse achternaam zegt is dit een soort van de
bergen. De soort is erg moeilijk te vinden door de perfecte
groene schutkleur en het zeer slome gedrag. Ook het geluid helpt
je niet, want het is erg zacht en slechts van enkele meters
afstand hoorbaar. Waarschijnlijk hierdoor is de soort op slechts
twee plekken gezien, 1 mannetje zat op een schermbloemige onderin
de Blatnica dolina vallei, langs het pad. Ongeveer 15 exemplaren
zaten bij de bergweide op de "Big Mama", de Tlsta dus.
De meeste zaten op kwijnende brandnetels op de overgang van
bergweide naar open bos. Een van de mannetjes had twee zeer
opvallende wijnrode lengtestrepen op z'n achterlijf. Pas toen ik
dit beest gevonden had ontdekte ik dat het zachte getik dat
overal rondom klonk, toch van deze sprinkhanen kwam. Ik begon al
bijna te denken dat ik een kwartier naar knagende houtwormen aan
het luisteren was, terwijl de rest van de excursie al lang op de
top was. Midden op de bergweide zaten slechts enkele exemplaren.
Het is moeilijk te zeggen hoe algemeen deze grote uitvoering van
onze Struiksprinkhaan in de omgeving is. 
"Oostelijke Kettingzaagsprink"
(Barbitistes constrictus)
The first day we discovered this male Bush Cricket in grass,
not in a bush rich area. Unfortunately we only saw it once.
Carola was geloof ik de held die dit beest, een mannetje, uit het
gras plukte op de eerste excursiedag. Het beest zat precies op de
plek waar elke dag excursies langsliepen om de Vel'ka Fatra in te
gaan. Het individu zat ook nog botweg in het lage gras, niet een
logische plek voor een struiksprinkhaan-achtige. Helaas bleef het
bij deze ene waarneming, zodat we de kettingzaagvormige legboor
van het vrouwtje niet hebben kunnen bewonderen.
Links
"Witband Struiksprinkhaan"
(Lepthophyes albovittata)
Lepthophyes albovittata was seen at the botanical
garden in Blatnica and a female was present near a lime meadow at
the ponds at Nolcovo. All Bush Crickets we discovered were hard
to find and hear and were only seen in low numbers.
Alweer de derde struiksprinkhaan-look-alike die op het kamp
waargenomen is. Een individu zat in de botanische tuin in
Blatnica. Een vrouwtje zat in een kalkgraslandje bij de poeltjes
te Nolcovo. Voor alle drie struiksprinkhaan soorten geldt dat het
lastige krengen zijn om te vinden. Over de ecologie kun je dan
wel de meest ruige uitspraken doen, maar dit is niet zo zinvol
door chronisch gebrek aan waarnemingen. Wel zijn het gave beesten
om rond te zien sluipen.
Polysarcus denticauda Large Saw tailed bush cricket
Polysarcus denticauda is a big member of the Tettigoniidae familie. It measures 6 cm. This Large Saw tailed bush cricket was only present on the highest mountain of the area ; The Ostredok. On this alpine meadow this species was rather common. Het laatste familielid van de struiksprinkhaan is andere koek, met z'n lichaamslengte van 6 cm. Het is het nijlpaard onder de sprinkhanen. Een dergelijke lompheid kom je in het insektenrijk zelden tegen. Het geluid schijnt ook best indrukwekkend te zijn. Spectaculair was de waarneming van een vrouwtje dat eieren aan het leggen was middenop op een pad op de Ostredok. Op de alpiene bergweiden hier is de soort vrij talrijk aangetroffen.
Gewoon spitskopje 
(Conocephalus dorsalis)
In the Netherlands this small Conocephalinae is common on marshes and along water banks. In Slovakia this habitat is scarce. Conocephalus dorsalis has been found only twice : At the marshes at Nolcovo and the lime marsh at Mosovce. Deze kleine sabelsprinkhaan is in Nederland algemeen in moerassen en langs oevers. In Slowakije zijn zulke plekken met een vegetatie van pitrus en grote grassen veel minder te vinden. Het Spitskopje is slechts twee keer aangetroffen, in de moerasjes bij Nolcovo en aan de rand van het kalkmoeras bij Mosovce.
Grote Groene Sabelsprinkhaan
(Tettigonia viridissima)
Tettigonia viridissima can easily be recognised by its sound at dawn. The Great Green Bush Cricket is common in Velka Fatra. Deze sprinkhaan valt in de middag en de avond van grote afstand op door de luid schetterende zang vanuit bomen en struiken. Algemeen in de dalen van de Velka Fatra. In het Turiec-dal komt de Grote Groene op enkele plaatsen voor, minder dan de Kleine Groene Sabelsprinkhaan.
Kleine Groene Sabelsprinkhaan, Small
Green Bush Cricket
(Tettigonia cantans)
The Small Green Bush Cricket is jus a little bit smaller than the previous species. In the Turiec valley this species was common along roads and edges of agriculture fields. Present in large numbers in bushes of willows (Salix) and near the Vah at Nolcovo. The sound of Tettigonia cantans is simular to Tettigonia viridissima but shorter in time. Slechts iets kleiner dan de vorige soort. In de Turiec-vallei komt deze soort algemeen voor in wegbermen en akkerranden. Verder in groot aantal in wilgenstruweel en aardappelakkers langs de Vah bij Nolcovo. Het geluid lijkt op dat van z'n grote broer, maar is aanzwellend in het begin en wordt veel minder lang aangehouden.
Bramesprinkhaan, Gewohnliches Strauchschrecke, Dark
Bush cricket
(Pholidoptera griseoaptera)
The Dark Bush cricket is common in large parts of Europe. It was occasional present in the valley of the Turiec. Deze sprinkhaan behoort in grote delen van Europa tot de algemeenste soorten. Hier verspreid in het dal van de Turiec, bv talrijk op het kampterrein. Verder zeer talrijk in de lage delen van de Blatnica en Gaderska dolina. Komt niet voor in te vochtige gebieden of iets hoger in de bergen.
"Bergbramesprinkhaan" 
(Pholidoptera aptera )
Weer een nieuwe soort voor ons, die niet te missen is door het
snoeiharde getsjirp zZRIZRIZRIZRIZRI! Dit geluid zul je echter
niet beneden de 600 meter horen. Iets hoger was de laagste
vindplaats; de soort is talrijk hoger in de Blatnica dolina onder
Groot Hoefblad. Op de Tlsta en in de zuidelijke Mala Fatra komt
deze donkerbruine sprinkhaan voor in lichte gemengde bossen met
een ondergroei van grassen. In de Mala Fatra zat de soort ook
samen met de nederlandse Bramesprinkhaan onder een stoeltjeslift.
De vrouwtjes van de bergsoort hebben trouwens een absurd lange
legboor.
Links
Heidesabelsprinkhaan
(Metrioptera brachyptera)
Deze soort heeft hier een interessante verspreiding: talrijk op de bergweide van de Tlsta en hoog in de Blatnica dolina, langs het pad. De bodem is hier erg vochtig. Verder enkele individuen in het kalkmoerasje in Mosovce. In ons land komt de Heidesabelsprinkhaan ook op drogere plaatsen voor, zoals droge heidevelden. Blijkbaar zijn qua vegetatie-structuur gelijke gebieden zoals de kolchoze-weiden en hellinggraslanden te warm. Het klimaat in Slowakije is natuurlijk ook iets warmer dan in Nederland.
Lichtgroene sabelsprinkhaan
(Metrioptera bicolor)
Dit bleek een typische sprinkhaan te zijn voor de ruige wegbermen en hellinggraslanden met voldoende hoge grassen en kruiden. Er zijn relatief veel individuen gezien met lange vleugels. Normaal heeft een Lichtgroene sabelsprink korte vleugels die ongeschikt zijn om te vliegen. Je kunt de langvleugeligen er al op het meer aanzwellende geluid uitpikken (grotere "klankkast"!)
Greppelsprinkhaan
(Metrioptera roeselii)
De Nederlandse naam is in Slowakije niet zo toepasselijk. Werkelijk uit alle graslanden in de Turiec-vallei en in de dolina's (valei) in de Vel'ka Fatra weerklonk het eentonige, soms irriterende gezoem van deze fraaie sabelsprinkhaan. Ook bij de greppelsprinkhaan komen macroptere individuen voor, die goed kunnen vliegen. Zowel op de Vel'ka Luka in de Mala Fatra als op de bergweide op de Tslta is een zo'n langvleugelige zwerver gezien.
Wrattenbijter
(Decticus verrucivorus)
Deze nogal forse sabelsprinkhaan wist het adrenalinegehalte bij sommige kampdeelnemers aardig op te krikken. De grap was ook dat op het eerste-de-beste weiland naast het kampterrein meer dan 15 mannetjes rond bleken te lopen. De indrukwekkende Wrattenbijter staat in Nederland en Belgie op het randje van uitsterven, maar heeft een voordeel: z'n ecologische eisen zijn vrij gedetailleerd bekend. De volwassen mannetjes verkiezen een rijk gestructureerde vegetatie met zowel korte grazige plekken om zich goed te kunnen opwarmen en snel te verplaatsen, en hogere kruiden die als zangpost dienst kunnen doen. De kolchoze weide voldoet uitstekend, vooral de kattedoorn, die om de stekels door de koeien met rust gelaten wordt, zorgt voor veel hoogteverschillen in de vegetatie. De eiafzet moet op meer vochtige plaatsen gebeuren. Bij het kampterrein lijkt de vochtige strook langs de weg een goede plek. De vegetatie is hier veel frisser groen en bestaat voor een deel uit andere plantensoorten. Ook de larven hebben een dergelijk biotoop nodig.
De vochtige strook is echter niet al te groot, dit geeft de
kwetsbare positie van de Wrattenbijter aan. Het beest eist nogal
wat van een gebied! In een wegberm langs de "snelweg"
door de Turiec-vallei zaten nog eens zo'n 30 zingende mannetjes,
en nog 1 individu even ten zuiden van Blatnica in een wegberm. Zo
heel zeldzaam is de Wrattenbijter hier dus (nog?) niet.
Links
Krekels (Gryllidae)
Huiskrekel
(Acheta domesticus)
De Huiskrekel is gehoord bij een kroeg in Blatnica. Hoeveel de waarnemers gedronken hadden is helaas onbekend.
Doornsprinkhanen (Tetrigidae)
Zeggedoorntje
(Tetrix subulata)
Een exemplaar van dit grappige kleine sprinkhaantje is gevangen bij een poeltje bij Ivancina. Het is een beweeglijke soort die thuishoort op droogvallende oevers. Of zich bij Ivancina een populatie bevindt is zeer de vraag.
Veldsprinkhanen (Acrididae)
Hiertoe behoort wat aantallen betreft het merendeel van de waargenomen sprinkhanen. De aantallen kunnen soms erg hoog zijn door overvloed aan voedsel: gras namelijk.
"Groene bergsprinkhaan"
(Miramella subalpina)
Dit is samen met de volgende soort een heel ander type veldsprinkhaan dan we kennen uit Nederland. Ze zijn vrij fors en dik, hebben een grote brede kop en korte vleugels. Ze tsjirpen niet. Miramella komt op hoogten boven de 650 meter vrij algemeen voor en is gezien in de Mala Fatra, de Vysoke Tatry (2 ex) en in de Vel'ka Fatra hoog in de Blatnica dolina, op de Tlsta en op de Ostredok.
Podisma pedestris
Lijkt qua model erg op de vorige, maar bruin-wit-zwart-rood-blauw gekleurd in plaats van groengeel met zwart. Deze bijzondere soort is verschillende keren in zeer lage aantallen aangetroffen op de Tlsta. We hadden deze soort niet verwacht en eerder misschien toch verward met Miramella. Het ontbreken op de andere bergtoppen is merkwaardig.
Klappersprinkhaan
(Psophus stridulus)
Het opjagen van sprinkhanen is pas echt leuk als je deze soort tegenkomt. Bij het vliegen zie je de felrode achtervleugels en maakt de sprinkhaan een klapperend geluid. Na ongeveer 10 meter laat het beest zich vallen en is dan nauwelijks meer terug te vinden. De mannetjes springen als onderdeel van de balts enkele meters recht de lucht in en klapperen ook dan met de vleugels. Dit werd waargenomen hoog in de Blatnica dolina, waar ongeveer 10 volwassen mn. zaten in een grazige vegetatie met veel brem en veel open zand. Op de Tlsta zijn enige larven van deze soort gevonden.
Moerassprinkhaan
(Stethophyma grossum)
Nog een veldsprinkhaan die z'n naam eer aandoet.
De moerassprinkhaan was talrijk in beide kalkmoerassen en is
nergens anders gezien.
links
Gouden sprinkhaan
(Chrysochraon dispar)
Algemeen in het Turiec-dal en in de dalen van de Vel'ka Fatra. In allerlei biotopen komt deze soort voor.
Kleine gouden sprinkhaan
(Chrysochraon brachyptera)
De mannetjes van deze onnederlandse sprinkhaan lijken erg op die van de vorige soort, discogifgroen gekleurd. De vrouwtjes van de Kleine zijn ook fel groen, ipv goudkleurig bruin. Deze soort was algemeen aan de randen van de Vel'ka Fatra en in de dolina's. Ch. brachyptera is waargenomen op kalkgraslanden, in de moerasjes en in wegbermen.
Zoemertje
(Stenobothrus lineatus)
In Nederland is het zoemertje vrijwel beperkt tot de Zuidveluwse heidevelden en de Zuidlimburgse kalkgraslanden. In Slowakije kwam de soort eigenlijk bijna overal in de Vel'ka Fatra voor waar maar grazige vegetaties in de zon liggen. Op de Tlsta was het zoemertje zelfs talrijk. Daarbuiten is het zoemertje op een aantal plaatsen gezien in weilanden. Het geluid is een heel bijzonder en voor sommigen ook moeilijk te horen reeks zoemen: sewiezzsewiezz...
Wekkertje
(Omocestus viridulus)
Deze soort is zowel in Nederland als in Slowakije algemeen.
Het is DE soortveldsprinkhaan waarbij je er totaal geen hoogte
van krijgt wat nu eigenlijk zijn verspreiding bepaalt. Komt als
enige sprinkhaan voor op de top van de zuidelijke Mala Fatra en
met Miramella als enige sprinkhaan hoog in de Vysoke Tatry. Toch
is het wekkertje ook talrijk op de weilanden rond het kampterrein
en in vele andere gebieden in de buurt.
Links
Omocestus haemorrhoidalis
Deze weinig bekende soort is waarschijnlijk slechts op 1 plek gezien, nl op een kalkgrasland bij Mosovce, tussen jeneverbesstruweel. Deze plaats is zeer beschut gelegen en waarschijnlijk zeer warm. Omocestus haemorrhoidalis is een weinig opvallende sprinkhaan, maar het geluid is toch vrij typisch.
Omocestus ?
Bij de splitsing tussen de Blatnica en Gaderska dolina ligt een zeer rotsige helling die de hele dag in de zon ligt te bakken. Hier is een mn verzameld van een sprinkhaansoort die veel weg heeft van O.haemorrhoidalis, maar er toch anders uitziet. Hij is te groot, z'n vleugels zijn dan relatief te kort, en hij is niet groen of bruin met een rode achterlijfspunt zoals een goede O.haemorrhoidalis betaamt, maar eenkleurig bruin. Een echte freak moet dit beestje maar eens nakijken.
Rosse sprinkhaan
(Gomphocerus rufus)
Komt zo'n beetje op dezelfde plekken voor als het Zoemertje, maar meest in zeer lage aantallen.
Deze grote bruine veldsprinkhaan heeft een erg tof arsenaal aan verschillende geluiden. Helaas hebben we dit niet vaak kunnen horen, want Stauroderus komt alleen voor op de bergweide op de Tlsta.
Steppesprinkhaan
(Chorthippus vagans)
Alleen gruwelijke hitte is warm genoeg voor deze sprinkhaan. Alleen de rots bij het begin van de Blatnica dolina was blijkbaar goed genoeg. De vegetatie is hier zeer spaarzaam en de mn zitten op de naakte rots te tsirpen.
Ratelaar (Chorthippus biguttulus),
Kustsprinkhaan (C. albomarginatus),
Krasser (C. parallelus) en
Locomotiefje (C. apricarius)
Deze soorten waren allen op zeer veel plaatsen te vinden. Dit
zijn de soorten waarvan maar weinig opgeschreven is helaas.
Links
Bruine sprinkhaan
(Chorthippus brunneus )
This species is very common in Holland, but in Slovakia it was less common. Often present on warm area's. Deze soort was lang niet zo algemeen als in Nederland, maar kwam in de warme biotopen wel steeds voor.
Weidesprinkhaan
(Chorthippus dorsatus)
This Acrididae looks a bit like and long winged Chorthippus parallelus, has been found several times on the border of Velka Fatra and the valley. And sometimes near the Blatnica dolina. Deze sprinkhaan, die lijkt veel op een langvleugelige Krasser lijkt, is verschillende malen gevonden op de grens van de Vel'ka Fatra en de vallei, en enkele keren in de Blatnica dolina.
Zompsprinkhaan
(Chorthippus montanus)
Dit tweelingbroertje van de Krasser is in de kalkmoerasjes van
Mosovce en Raksa gevonden. Bij Mosovce zat de soort niet zozeer
in het moeras, maar in de beekbegeleidende ruigte. Langs andere
beken kon de zompsprinkhaan echter niet gevonden worden. Het
moeras lijkt dus toch belangrijk te zijn.
Links
Deel 2. Belangrijke biotopen
Bergweiden/Mountain meadows
Only the natural mountain meadows of the Velka Fatra seems to
be important for grasshoppers. The richness of mountain species
is very high with Polysarcus denticauda, Miramella subalpina,
Podisma pedestris, Isophya pyrenea, Psophus stridulus and Stauroderus
scalaris. Together with the richness of plants this area is
a real nature reserve.
Van de natuurlijke bergweiden lijken alleen die in de Vel'ka
Fatra echt boeiend voor sprinkhanen. De rijkdom aan bergsoorten
is er erg hoog, met Polysarcus denticauda, Miramella
subalpina, Podisma pedestris, Isophya pyrenea, Psophus stridulus
en Stauroderus scalaris. Samen met de rijkdom aan
planten pleit dit er sterk voor om de beschermde staat te
handhaven.
Bergbossen/Mountain forests
The only species we saw here was Metrioptera aptera
which makes a shrilling sound. The forests were we discovered
this species are already protected.
De enige soort hier is de Bergbramesprinkhaan. De bossen
waar deze soort is waargenomen zijn eveneens al beschermd. Beheer
is vermoedelijk niet erg belangrijk hier.
Graslanden in dalen Vel'ka Fatra / Grasslands in the valleys of the Velka Fatra
In the valley's of the Velka Fatra (Turiec) a lot of different
biotopes were present. The richness of Orthoptera is
large. Protection could take place by keeping the area warm and
dry without bushes and forests.
Hier komen heel veel biotopen op korte afstand van elkaar voor.
De rijkdom aan sprinkhanen is dan ook groot. De bescherming is
waarschijnlijk wel gewaarborgd. Sprinkhaanvriendelijk beheer
betekend hier het tegengaan van bosvorming, om zo het gebied
zonnig te houden.
Extensieve weilanden / Not intensive agricultural haylands
Compared with our Dutch situation the richness of these area
is very high. Most of the present species in the agricultural
lands are not related to these habitats, except for Decticus
verrucivorus. D.verrucivorus, the Wart biter, has
disappeared in Holland due to the intensive agriculture. If the
agriculture changes to Western standards this species could get
problems too in Slovakia.
De sprinkhaanrijkdom is hier erg groot als je dit met nederlandse
ogen bekijkt. De meeste soorten zijn echter niet van deze
weidegronden afhankelijk. Voor de Wrattenbijter geldt dit wel.
Als de Slowaken er niet in slagen om hun landbouw extensief te
houden, zou het ook in Slowakije wel eens slecht met deze soort
kunnen aflopen. Eigenlijk zou het nog mooier zijn als het
kolchoze-idee in Nederland ingevoerd zou worden. Scharrelvlees,
geen ontsierend prikkeldraad, extra werkgelegenheid enzovoorts.
Links
Kalkmoerassen / Lime marshes
These marshlands are, just like the meadows, depending on the
development of the Slovakian agriculture. We hope that the the
meadows won't become the same as in Holland, with Lolium
perenne and a lot of fertilizer. In that case the
biodiversity will go down rapidly.
Hier speelt hetzelfde probleem als bij de weidegronden: hoe gaat
de Slowaakse landbouw zich de komende jaren ontwikkelen? Als de
kleine moerasjes ingeklemd komen te liggen tussen overbemeste
Engels Raaigrasvlaktes dan zal de natuurwaarde hard
achteruithollen.
Bart Achterkamp
W.A. Scholtenstraat 10
9712 kw Groningen
Mail: B.Achterkamp@bioledu.rug.nl
Biology and Nature observations about biology summercamps, fresh water Algen, Orthoptera, Butterflies, Plants, Estonia, Albania, Slovakia, ZOTKS Slovenia and Birds.

