Sprinkhanen (Orthoptera,Tettigoniidae en Catantopidae) ,
Krekels (Gryllus, Gryllidae) Doorntjes (Tetrigidae, Tetrix) en
Bidsprinkhanen in de omgeving van Cerknica, Velike Bloke
(Notranjska)
This is the original Dutch report that has appeared in the
report of the Dutch summer camp at Velike bloke in 1997.
Biology and Nature observations about biology
summercamps, fresh water
Algen, Orthoptera,
Butterflies,Plants,
Slovakia,
ZOTKS
Slovenia and Birds.
Sprinkhanen (Tettigoniidae en
Catantopidae), Krekels (Gryllidae) en
Doorntjes (Tetrigidae)van Notranjska
Sprinkhanen(Orthoptera) zijn buitengewoon interessante
insecten. Het is jammer dat er zich in de jeugdbond maar zo weinig
mensen met sprinkhanen bexighouden. In Slovenië waren het
voornamelijk de broertjes Hospers die een groot deel van hun tijd
doorbrachten met het achter sprinkhanen aanhoppen. Op het kamp
hebben ze spectaculaire soorten gevonden, die we voor de grap
Nederlandse namen probeerden te geven, zoals ‘Grote
verschrikkelijke sprinkhanenvreter’,
‘Zorrosprinkhaan’ en
‘Hooiwagensprinkhaan’.
In dit verslag worden eerst de
sprinkhanenwaarnemingen per gebied beschreven.De volgorde van de
gebieden A t/m J komt overeen met de volgorde zoals die in dit hele
verslag gebruikt is. Achter de naam van het gebied staat hoeveel
soorten waargenomen zijn. In de tabel staat een systematisch
overzicht van de soorten. Voor algemene informatie over de genoemde
gebieden verwijzen we naar de algemene inleiding. De ligging van de
gebieden is op het kaartje achterin het verslag ingetekend.
Het Bloke plateau
[A]
- (19 soorten)
11-7-97 Locatie 1 (n=7) * Vlakbij kazerne n. van Velike Bloke
('Gmajna'). 740 m. Glanshaver hooiland.
11-7-97 Locatie 2 (n=12) * Aan de voet van Bloski Hrib,
tennoordwesten hiervan, vlak ten zuiden van de weg, 750 m..
Voedselarm hooilandje.
11-7-97 Locatie 3 (n=6) * Langs Bloscica, nw van Velike Bloke.
('Berinjek') 735 m. Vochtige hooilanden.
11-7-97 Locatie 4 (n=5) * Bij bruggetje over zijbeekje van de
Bloscica, ten nw van Velike Bloke ('Berinjek'), 735 m.
Beekdalgrasland.
13-7-97 Locatie 5 (n=6) Nabij Blosko jezero. 740 m.. Mozaiek van
vochtige en drogere voedselarme hooilanden vlakbij de
beek..
13-7-97 Locatie 6 (n=6) * Ten noorden van Krajic, ca. 750 m.
Beekdalgrasland.
13-7-97 Locatie 7 (n=3) * Halverwege Nova Vas en Velike Bloke.
720 m. Glanshaver hooiland.
14-7-97 Locatie 8 (n=11) * Bij Dom Police, Velike Bloke, 740 m.
Voedselarm hooilandje.
10-7-97 Locatie 9 (n=5) Vlakbij de Waterzuivering Velike Bloke,
net ten zuiden van het dorp. 730 m. Voedselarme hooilanden.
11-7-97 Locatie 10 (n=11) * Noordoosthelling van de Lisec, ten
westen van Velike Bloke, ca. 760 m. Voedselarm hooiland.
11-7-97 Locatie 11 (n=4) * Noordoosthelling van de Lisec, ten
westen van Velike Bloke, ca. 760 m. Verbost hooiland.
16-7-97 Locatie 12 (n=1) Waarneming van Veldkrekel. Tussen
Velike Bloke en Radlek, bij hoogste punt in de weg, achter huis.
800 m. Voedselarm hooiland.
Het Bloke plateau is vrij goed op sprinkhanen onderzocht. Op 9
plaatsen zijn volledige soortenlijsten gemaakt van een aantal
biotopen. Deze plaatsen zijn hierboven met een sterretje
aangegeven. >
De talrijkste en meest verbreide soorten zijn de Krasser, de
Greppelsprinkhaan, de Heidesprinkhaan en de Kleine goudsprinkhaan.
Deze soorten werden in een groot deel van de onderzochte graslanden
gevonden. Ook het Zoemertje was op de meeste plekken wel te vinden.
Deze soorten zijn niet kenmerkend voor het Bloke plateau en zijn
ook in veel andere bezochte gebieden algemeen.
Er is maar één soort die uitsluitend op het Bloke
plateau gevangen is: het Knopsprietje. Overigens is dit bij ons
geen bijzonder zeldzame soort. Het is een soort van schrale
graslanden en heiden met een lage vegetatie met open plekken.
Twee andere soorten werden zowel op het Bloke plateau als bij
Rakitna gevangen. Dit zijn het Locomotiefje en de
Klappersprinkhaan. Beide soorten zijn vrij vaak gevangen.
Montane elementen worden gevormd door de
‘Bergbramensprinkhaan’, die enkele malen gevonden werd
op ruigere terreingedeelten. Ook de Dikbuiksprinkhaan werd een keer
gevonden, in een verbost hooiland op een noordoosthelling (locatie
11). Opvallend is, dat deze soort in hoger gelegen gebieden (zoals
de top van de Nanos), juist op hele open plekken voorkomt. Wellicht
kan de soort zich in dit relatief laag gelegen gebied alleen
handhaven in bepaalde koele microbiotopen. Een andere minder
talrijke soort is de Laddersprinkhaan, die op het Bloke plateau op
2 plekken gevangen is. Ook deze soort komt volgens de literatuur
vooral op bergweiden voor en de engelse naam is dan ook
‘Large mountain grasshopper’. Overigens zijn beide
laatstgenoemde soorten ook in het (sub)mediterrane gebied gevangen,
respectievelijk bij Hrastovlje en op Krk, zie de discussie
aldaar.
In verboste hooilanden (locatie 11) is de
Bramensprinkhaan de talrijkste soort, terwijl de Struiksprinkhaan,
Pholidoptera aptera en Kleine goudsprinkhaan in zeer lage
dichtheden voorkomen. Verbossing lijkt voor sprinkhanen duidelijk
een negatief effect te hebben. Slechts enkele soorten specialisten
van bosranden zullen door verbossing toenemen. De meeste soorten
sprinkhanen zijn echter gebonden aan graslanden en deze soorten
kunnen in hoger opgaande vegetaties niet overleven.
De meeste sprinkhanen zijn gevangen in de drogere graslanden.
Hierover kun je ergens anders in dit verslag meer lezen.
De vochtige biotopen (locatie 4, 5 & 6) zijn heel wat minder
soortenrijk dan de drogere biotopen. Er zijn geen typische
moerassoorten gevonden. Zo zijn de Moerassprinkhaan en het
Spitskopje níet gevonden. Deze soorten zijn in andere
gebieden (Rakov Skocjan resp. Cerknica meer) wel waargenomen. Beide
soorten zijn min of meer kenmerkend voor plekken met hogere
vegetaties. De voedselarme kalkmoerassen langs de Bloscica zijn
weinig productief en de meeste vegetaties zijn laag. Ook kou zou
een beperkende factor kunnen zijn voor het voorkomen van deze
soorten, hoewel beide soorten ook in Zuid Scandinavië
voorkomen.
Op het relatief hooggelegen Bloke plateau blijft het in het
voorjaar lang koud. De meeste soorten sprinkhanen worden pas in de
tweede helft van de zomer volwassen. Wij bezochten het gebied vrij
vroeg in het sprinkhanenseizoen. Hierdoor is het heel goed mogelijk
dat we bepaalde soorten gemist hebben. Van een relatief late soort,
de Zadelsprinkhaan, zijn bijvoorbeeld alleen maar jonge exemplaren
gevangen.
In totaal zijn er op de Slivnica 7 soorten genoteerd, maar deze
lijst is beslist niet volledig. Slechts een klein deel van de berg
is bezocht. Het is opmerkelijk dat er zowel warmteminnende als
kouminnende soorten gevangen zijn. Stenobothrus rubicundus
is een warmteminnende soort, die verder alleen gevangen is op warme
plekken aan de voet van de Nanos. Miramella alpina,
daarentegen, is een montane soort, die verder alleen gevangen is op
de montane graslandjes bovenop de Nanos en bij Rakitna.
Waarschijnlijk benutten Stenobothrus en Miramella
op de Slivnica verschillende microhabitats.
Het Cerknica meer
[C]
(5 soorten)
- 17-7-97 Nabij Goracice (ca.550 m.)
Wilgenbosjes en rietlanden.
Het Gewone spitskopje is tijdens het zomerkamp alleen in het
Cerknica meer gevangen. Marcel trof de soort massaal aantrof in
enkele uitgestrekte moerasvegetaties. Deze soort van vochtige
biotopen is op het Bloke plateau niet aangetroffen (zie de
discussie daar).
De overige waarnemingen hebben betrekking op wilgenbosjes langs
de rand van de Cerknica Polje, waar enkele in de streek algemenere
soorten werden aangetroffen.
De Rakov Skocjan
[D]
(7 soorten)
- 8-7-97 Graslanden in het dal (ca. 550 m.)
Dit is de enige vindplaats van de Moerassprinkhaan tijdens het
kamp. Er zaten zo’n 20 dieren in de oeverzone van de Rak.
Bijzonder leuk is het voorkomen van Odontopodisma spec. Dit
is een Zuid-oost Europese soort die wel wat op de Groene
bergsprinkhaan lijkt. De soort was niet bijzonder talrijk.
Zeer talrijk waren de Krasser en de Greppelsprinkhaan. Leuk was
ook het talrijke voorkomen van de Veldkrekel, die op het Bloke
plateau zeer zeldzaam was (wellicht te koud). De krekels kwamen
voor op kleine bloemrijke hooilandjes omgeven door bos. Op deze
plaatsen zijn ook de overige sprinkhaansoorten gevangen, waarbij
opgemerkt moet worden dat de lijst lang niet volledig is.
Verder werd er ook een donkerbruine juveniele sprinkhaan
gevonden, die enigszins op het Negertje leek. Deze soort is niet in
de lijst opgenomen.
De Risnjak (Kroatië)
[F]
(1 soort)
- 17-7-97 Open plek in een bos bij Kod Buvke, op circa 1200 m.
hoogte
Door het slechte weer, en de schaarste aan geschikte biotopen,
werd hier slechts 1 soort gevangen: De
‘Bergbramensprinkhaan’, Pholidoptera aptera.
De Nanos [G]
(23 soorten)
8-7-97 van Razdrto (577 m.) naar de top (1240 m.)
In de prachtige warme graslandjes aan de voet van de berg waren
de talrijkste soorten de Kleine gouden sprinkhaan, de
Greppelsprinkhaan, het Zoemertje en de Krasser. Dit zijn soorten
die ook op het Bloke plateau algemeen zijn. Belangrijke aanvulling
op dit lijstje is een soort uit het geslacht Platycleis .
Dit geslacht met overwegend warmteminnende soorten wordt in
Nederland alleen door de Duinsabelsprinkhaan vertegenwoordigd.
Welke soort hier gezien is, is niet duidelijk. Er komen in Zuid en
Oost Europa verschillende soorten voor, en met deze soorten is
onvoldoende rekening gehouden.
Langs de randen van bosjes zaten Bramensprinkhanen. Ook de
‘Grote struiksprinkhaan’ (Isophya spec.)
leek een voorkeur te hebben voor dergelijke bosranden. Bijzonder
spectaculair was de Bidsprinkhanen Mantis religiosa die vrij
talrijk voorkwam op deze plekken. Dit is dan geen sprinkhaan en de
dieren behoren tot een eigen aparte orde, de Dictyoptera.
Ook bij Hrastovlje hebben we deze warmteminnende dieren gezien. Ook
Cicades zijn in deze warme biotopen regelmatig aan te treffen. Hun
geluid is enigszins met dat van sprinkhanen te verwarren.
Een erg mooi beest is ook de Stenobothrus rubicundus.
Deze verwant van het Zoemertje maakt zowel zittend als in de lucht
geluid. Het is een prachtig dier, met zwarte knieen, rode schenen
en een donkere vleugeltop.
Hogerop de berg zijn de meest voorkomende soorten de Lichtgroene
sabelsprinkhanen, de Bramensprinkhanen, de Struiksprinkhanen en de
Kleine goudsprinkhanen.
De alpiene soort Arcyptera fusca werd tijdens het kamp
alleen op de alpenweiden bovenop de Nanos gevonden. Van deze soort
werd wel een vijftigtal beesten gezien.
Ook werd de ratel van de Ratelaar hier gehoord, een soort die in
Nederland algemeen is, maar tijdens het kamp verder niet is
waargenomen. Er werd een mogelijke Weidesprinkhaan (Chorthippus
dorsatus) gevonden, die helaas niet verzameld is. Deze soort is
niet in de soortenlijst opgenomen
Ook de Dikbuiksprinkhaan (Polysarcus denticauda) werd er
gevonden.
De kliffen van
Hrastovlje [H]
(17 soorten)
- 16-7-97 tussen station Hrastovlje en dorp Hrastovlje;helling
ten noorden van Hrastovlje. Submediterraan, <100 meter boven
zeeniveau
- 18-7-97 idem, + station Zazid
De meest spectaculaire sprinkhaan van het kamp was ongetwijfeld
Saga pedo, door ons de ‘Grote verschrikkelijke
sprinkhaanvreter’ genoemd. Dit is geen gekke naam, want het
hoofdmenu van deze soort bestaat uit Sprinkhaan. Ook heeft het
beest kannibalistische neigingen.
Dit enorme dier behoort tot de grootste insekten van Europa, en
is in ieder geval de grootste Europese sprinkhaan. De soort komt
voor in Zuid Europa, met name in het mediterrane gebied. Zij is
echter behoorlijk lokaal (disjunct areaal) en op de meeste plekken
niet bepaald algemeen. In het grensgebied van Italië en
Slovenië is de soort echter relatief vaak waargenomen. De
meeste waarnemingen zijn echter vrij oud. De soort staat op de
Sloveense rode lijst en is opgenomen in de Annex IV van de Habitat
Directive van de Europese Unie. Dit betekent dat het een
internationaal bedreigde soort is.
Saga pedo is een thermofiele sprinkhaansoort, die verder
weinig eisen stelt aan haar milieu.
Van deze soort zijn geen mannetjes bekend. De vrouwtjes leggen
zogenaamde partenogenetische eieren, eieren die niet bevrucht
worden. Deze eitjes kunnen wel tien jaar levensvatbaar zijn.
Grappig was, dat op 16 juli een bruinachtig dier werd gevangen, en
op 18 juli een groenachtig dier. De bruine variant is verreweg de
zeldzaamste van de twee. Op 16 juli werd één dier
gezien op een op het zuiden geëxponeerd kalkgrasland ten
noorden van Hrastovlje, niet ver van de spoorwegtunnel, en vlak
boven kliffen die deel uitmaken van de landschappelijk zeer fraaie
‘kliffen van Hrastovlje’. Op 18 juli werd
één ander dier gezien op een kalkheuvel 2 km.
vóór Zazid, als je komt van de kant van Hrastovlje.
Waarschijnlijk is de soort in het gebied veel talrijker. De soort
is namelijk voornamelijk in schemering en nacht actief, terwijl wij
het gebied midden op de dag bezochten.
Als je meer wilt weten over deze mysterieuze sprinkhaan, kun je
de artikelen van Kaltenbach lezen (zie literatuurlijst)
Merkwaardig was een tweetal soorten die je normaal gesproken in
de bergen vangt: de Dikbuiksprinkhaan werd gevonden bij het station
van Zazid en de ‘Bergbramensprinkhaan Pholidoptera
aptera kwam veel voor langs de weg van station Hrastovlje naar
het dorp. Kennelijk zijn deze soorten minder gebonden aan bergen
dan we eerst dachten.
Spectaculair was de Italiaanse treksprinkhaan, met zijn rode
ondervleugels. Ook de Blauwvleugelsprinkhaan, met blauwe
ondervleugels, werd gevangen. Laatstgenoemde soort kennen we in
Nederland van onbegroeide bodems in de duinen en in
stuifzandgebieden in het binnenland.
Een hele mooie sprinkhaan was Eupholidoptera chabrieri,
een Sabelsprinkhaan met een helder groen afgerond borststuk met een
brede zwarte band, die naar voren over de ogen doorloopt. Om deze
reden werd de soort door André ‘Zorrosprinkhaan’
gedoopt. De soort werd door ons op 2 plekken gevonden, tussen het
station van Hrastovlje en het dorp (16 juli) en bij het station van
Zazid (18 juli).
Ook werden verscheidene Sikkelsprinkhanen aangetroffen, zittend
op of onder struiken. Van deze late soort zijn alleen juvenielen
gezien. Waarschijnlijk is de soort later in het jaar wel op meer
plekken te vangen.
Rakitna [i1]
(16 soorten)
- 6-7-97 Helling en plateau op 2 km ten zuidwesten van Rakitna
(Novaska Gora, 998 m.)
Het plateau bij Rakitna is min of meer op te vatten als een
voortzetting van het Bloke plateau naar het noorden. De meeste
soorten komen dan ook met het Bloke plateau overeen.
Echter, met z’n 998 meter is deze vindplaats net iets
montaner. Er komen twee montane soorten voor die op het Bloke
plateau niet gevangen zijn: de Groene bergsprinkhaan en de
‘Grote struiksprinkhaan’ (Isophya spec.).
Ook de Dikbuiksprinkhaan werd er gevangen, een montane soort die op
het Bloke plateau zeldzaam is.
In dit gebied werden 3 soorten gevangen die elders niet gevonden
zijn: Euchorthippus, "Hooiwagensprinkhaan" (Tylopsis
liliifolia), en Oedalus decorus. De laatste soort is een
treksprinkhaan.
Ook dit gebied was weer leuk voor mooie soorten met rood en
blauw gekleurde ondervleugels, Blauwvleugelsprinkhanen en de
Italiaanse treksprinkhaan.
Alleen goed herkenbare en verzamelde dieren zijn in de tabel
opgenomen, omdat we geen veldgids van het mediterrane gebied bij
ons hadden.
De opgave van een montane soort, de Laddersprinkhaan
(Stauroderus scalaris), lijkt onwaarschijnlijk, en is niet
in de tabel opgenomen. Mogelijk gaat het hier om een verwante,
mediterrane soort, maar het dier is niet verzameld.
Conclusies
In totaal zijn er 40 soorten sprinkhanen waargenomen (19
Sabelsprinkhanen, 1 Krekel, 1 Doorntje en 19 Veldsprinkhanen).
Hiervan zijn zes soorten alleen op genusniveau gedetermineerd.
Vijf soorten zijn alleen gevonden in het kustgebied van
Slovenië. Drie andere soorten zijn alleen gevangen op Krk, een
eiland voor de kust van Kroatië. De kalkrots de Nanos is met
23 soorten verreweg het soortenrijkste gebied dat we bezocht
hebben, waarschijnlijk omdat zowel alpiene als mediterrane
fauna-elementen aanwezig zijn. Op het Bloke plateau werden 19
soorten gevonden, in Notranjska in totaal 22, waarbij naast het
Bloke plateau het Cerknica meer, de Slivnica berg, de Rakov
Skocjan, en de omgeving van Rakitna bezocht werden.
De volgende soorten lijken een montane verspreiding te hebben
(inclusief Bloke plateau en de top van de Nanos):
Groene bergsprinkhaan, Klappersprinkhhaan, Knopsprietje,
Laddersprinkhaan, Locomotiefje, Ratelaar, Bergbramensprinkhaan en
Arcyptera fusca.
De volgende soorten lijken hebben een submediterrane
verspreiding te hebben (inclusief de voet van de Nanos):
Blauwvleugelsprinkhaan, Oedalus decorus, Italiaanse
treksprinkhaan, Negertje, Kalkdoorntje, Sikkelsprinkhaan,
Hooiwagensprinkhaan, Duinsabelsprinkhaan, Zorrosprinkhaan, Grote
verschrikkelijke sprinkhanenvreter
Literatuur
- Achterkamp B. (1995). Sprinkhanen in Slowakije. In: Inberg H.
en M. de Jong (eds.) Slowakije.Biologisch verslag zomerkamp 1995.
Jeugdbond voor Natuur- en Milieustudie.
- Bellmann H. (1993). Heuschrecken beobachten, bestimmen.
Naturbuch Verlag, Augsburg.
- Bellmann H. & G.C. Luquet (1995). Guide des suterelles,
grillons et criquets d’Europe occidentale. Delachaux &
Niestle, Paris & Lausanne.
- Beukeboom L. (1993). De sprinkhanen van Nederland en
België. Jeugdbondsuitgeverij.
- Chinery M. (1986). Collins guide to the insects of Britain and
Western Europe. Collins, London.
- Duijm M. & G. Kruseman (1983). De krekels en sprinkhanen in
de Benelux. KNNV, Utrecht.
- Kaltenbach A.P. (1990). The predatory Saginae. pp 280-302. In:
Baily W.J. & D.C.F. Rentz (eds.) The Tettigonidae. Biology,
systematics and evolution. Springer Verlag, Berlin.
- Kleukers R. et all. (1997). De sprinkhanen en krekels van
Nederland (Orthoptera). Nederlandse Fauna I. Nationaal
Natuurhistorisch Museum, KNNV & EIS.
Tabel op de volgende pagina: Sprinkhanenwaarnemingen op het
Slovenië zomerkamp 1997
Locaties: zie tekst. Nederlandse namen volgens Kleukers et all.
(1997), met aanvullingen van Achterkamp (1995) tussen accolades.
Onze eigen aanvullingen op de ‘Nederlandse namenlijst’
zijn ‘Zorrosprinkhaan’ voor Eupholidoptera
chabrieri en ‘Grote verschrikkelijke
sprinkhanenvreter’ voor Saga pedo en
‘Hooiwagensprinkhaan’ voor Tylopsis liliifolia.
Deze namen staan in de tabel tussen een dubbele accolade.
Noten:
1.De Sikkelsprinkhaan die gevangen is, werd aanvankelijk
uitgemaakt voor
Phaneroptera falcata en is niet verzameld.
Bij vijf Sloveneense soorten zijn de voorvleugels korter dan de
achtervleugels.
2.Niet gelet is op het voorkomen van andere soorten dan
Isophya pyrenea. De dieren in Hrastovlje onderscheiden zich
door een slankere lichaamsbouw en door de witte strepen die
doorlopen van halsschild naar achterlichaam.
3.Afwijkende Pholidoptera, die helaas niet op naam
gebracht kon worden. Terwijl P. aptera vooral in het
hoogland voorkomt, komt deze soort ook in het Submediterrane gebied
voor.
4.Het geslacht Odontopodisma is verwant aan
Miramella en komt in oost- en zuidoost Europa voor. Van de
daar voorkomende soorten komt alleen decipiens insubrica
vrij ver naar het westen voor (tot in Zwitserland). Het dier dat
wij vingen had korte, roze vleugeltjes, roze knietjes en is lichter
groen dan een Miramella.
5. Verzameld door Marcel en gedetermineerd door Mark van
Veen
Zie verder de tekst bij de besproken gebieden.
| Sprinkhanen en
krekels(Orthoptera) |
|
| Sabelsprinkhanen (Tettigoniidae) |
|
| 1. Sikkelsprinkhaan (Phaneroptera spec.)
1 |
Hrastovlje |
| 2. Struiksprinkhaan (Leptophyes punctatissima) |
Bloke plateau(3,8,10,11); Slivnica; Nanos(2); Hrastovlje;
Rakitna(I1); |
| 3. ‘Grote struiksprinkhaan’ (Isophya
spec.) 2 |
Nanos(1); Hrastovlje; Rakitna(I1) |
| 4. "Hooiwagensprinkhaan" (Tylopsis liliifolia) |
Krk(J2) |
| 5. Gewoon spitskopje (Conocephalus dorsalis) |
Cerknica meer |
| 6. Dikbuiksprinkhaan (Polysarcus denticauda) |
Bloke plateau(11); Nanos(1,2); Hrastovlje; Rakitna(I1) |
| 7. Grote groene sabelsprinkhaan (Tettigonia
viridissima) |
Nanos(1); Hrastovlje |
| 8. Tettigonia caudata |
Bloke plateau(1,2); Krk(J2) |
| 9. Wrattenbijter (Decticus verrucosus) |
Bloke plateau(2,10); Slivnica; Cerknica meer; |
| |
Rakov Skocjan; Nanos(1,2) Rakitna(I1) |
| 10. Platycleis spec. 6 |
Nanos(1) Hrastovlje; Krk(J2) |
| 11. Heidesabelsprinkhaan (Metrioptera brachyptera) |
Bloke plateau(1,2,3,4,8); Slivnica; Rakitna(I1); Krk(J2) |
| 12. Lichtgroene sabelsprinkhaan (Metrioptera
bicolor) |
Bloke plateau(1,7,8,10); Nanos(1,2); Rakitna(I1); Krk(J2) |
| 13. Greppelsprinkhaan (Metrioptera roeselii) |
Bloke plateau(1,3,6,7,8,9,10); Cerknica meer; Rakov
Skocjan; |
| |
Nanos 1; Hrastovlje; Rakitna(I1); Krk(J2) |
| 14. ‘Bergbramensprinkhaan’ (Pholidoptera
aptera) |
Bloke plateau(2,8,10,11); Slivnica; Risnjak; Nanos(2) |
| 15. Pholidoptera spec. 3 |
Bloke plateau(9); Hrastovlje; Nanos(1); Rakitna(I1) |
| 16. Bramensprinkhaan (Pholidoptera griseoaptera) |
Bloke plateau(2,6,10); Cerknica meer; Slivnica; Nanos(1,2);
Hrastovlje |
| 17. "Zorrosprinkhaan" (Eupholidoptera chabrieri) |
Hrastovlje |
| 18. "Grote verschrikkelijke sprinkhanenvreter" (Saga
pedo) |
Hrastovlje |
| 19.Zadelsprinkhaan (Ephippiger ephippiger) |
Bloke plateau(2,3); Nanos(1) |
| |
|
| Krekels (Gryllidae) |
|
| 20. Veldkrekel (Gryllus campestris/ bimaculatus) |
Bloke(12); Rakov Skocjan; Nanos(1) |
| |
|
| Doornsprinkhanen (Tetrigidae) |
|
| 21. Kalkdoorntje (Tetrix tenuicornis) 5 |
Hrastovlje |
| |
|
| Veldsprinkhanen (Acrididae) |
|
| 22. Groene bergsprinkhaan (Miramella alpina) |
Slivnica; Nanos(2); Rakitna(I1) |
| 23. Odontopodisma spec. 4,5 |
Rakov Skocjan |
| 24. Arcyptera fusca |
Nanos(2) |
| 25. Klappersprinkhaan (Psophus stridulus) |
Bloke plateau(2,4,8,10); Rakitna(I1) |
| 26. Blauwvleugelsprinkhaan (Oedipoda caerulescens) |
Hrastovlje; Krk(J2) |
| 27. Oedalus decorus 5 |
Krk(J2) |
| 28. Italiaanse treksprinkhaan (Calliptamus
italicus) |
Hrastovlje; Krk(J2) |
| 29. Moerassprinkhaan (Stethophyma grossum) |
Rakov Skocjan |
| 30. Kleine goudsprinkhaan (Euthystira brachyptera) |
Bloke plateau(1,2,3,4,5,6,8,9,10,11); Cerknica meer; Rakov
Skocjan; Nanos(1,2); Hrastovlje; Rakitna(I1); Krk(J2) |
| 31. Negertje (Omocestes rufipes) |
Hrastovlje |
| 32. Zoemertje (Stenobothrus lineatus) |
Bloke plateau(1,2,4,6,8,10); Nanos(1,2); Hrastovlje;
Rakitna(I1); Krk(J2) |
| 33. Stenobothrus rubicundus 5 |
Slivnica; Nanos(1) |
| 34. Knopsprietje (Myrmeleotettix maculatus) |
Bloke plateau(2) |
| 35. Laddersprinkhaan (Stauroderus scalaris) |
Bloke plateau(2,4) |
| 36. Locomotiefje (Chorthippus apricarius) |
Bloke plateau(6,8,9,10); Rakitna(I1) |
| 37. Bruine sprinkhaan (Chorthippus brunneus) |
Bloke plateau(8); Nanos; Rakitna(I1); Krk(J2) |
| 38. Ratelaar (Chorthippus biguttulus) |
Nanos(2) |
| 39. Krasser (Chorthippus parallelus) |
Bloke plateau(1,2,3,6,7,8,9,10); Rakov Skocjan; Nanos(1);
Rakitna(I1); Krk(J2) |
| 40. Euchorthippus spec. 5 |
Krk(J2) |
Biology and
Nature observations about biology
summercamps , fresh water
Algen , Orthoptera
, Butterflies,
Plants , Slovakia ,
ZOTKS
Slovenia and Birds.
Hiking through the river canyon of the Iska

At the end of our camp a hiking trip of two days was
planned through the valley of the Iska. The Iska is a small creek
running in a deep valley. To get to the creek one has to descend
about 800 meters. Nine girls should attend this journey.
Unfortunately, just those two days it was raining cats and dogs.
This storey tells how they tried to survive the rain and the
running river. Due to the huge amount of water comming out of the
air this river contained a lot of water and walking along the river
on the river banks had become impossible. To escape from the river
the Dutch girls had to walk on the steep slope of the 'canyon' of
the river Iska. To save weight only few equiment was on this trip
available. After walking in the rain for two days the were picked
up and taken to our camping site.
Op aanraden van de kampboer vertrokken wij, een groep van 9
helden, op een druilerige middag richting het dal van de Iska. De
tocht begon in het dorpje ....., waar we door het busje van het
kamp afgezet werden, om onze tocht te vervolgen naar het doel van
onze excursie, het riviertje de Iska, gelegen in een 200-300 meter
diepe kloof.
We daalden af langs een goed begaanbaar pad over een glibberige
helling. Beneden troffen we enorme Hoefblad velden aan. Hoefblad
bleek niet alleen een mooie plant te zijn, doch ook zeer geschikt
om hoofddeksels van te maken tegen de nog altijd voortdurende
regen. We liepen verder door de beek. De beek varieerde in diepte
van enkel- tot kuitdiepte. Met onze sandalen en gympjes was het
lekker glibberen over de rotsen en keien langs de oever. Eén
‘held’ ging zelfs op blote voeten! Na enkele uren lopen
stuitten we op een watervalletje. Deze was dusdanig hoog (twee en
halve meter) dat het onmogelijk was om eraf te springen. Dus
klauterden we maar via een bijna verticale helling langs de
waterval naar beneden. Na dit avontuur kwamen we bij een bocht in
de rivier waar zo’n één meter boven de beek een
redelijk horizontaal stuk grond was. 
Dit leek ons de ideale kampplek. We hadden maar twee tenten
meegenomen. Eén tent had geen binnentent, die was met opzet
thuisgelaten in verband met het gewicht. Van de andere tent, een
koepel, waren de buigstokken vergeten. Met touwen en dergelijke is
dit nog een prima driehoekige koepeltent geworden.
Een kampvuur was, ondanks het vochtige hout, snel gemaakt en we
slaagden erin om wat te koken. Het bleef miezerig en koud, maar we
werden nu tenminste van voren door het vuur verwarmd en van binnen
door het eten en de wijn.
Het bleef de hele avond regenen en het leek ons maar het beste
om lekker vroeg naar bed. In de koepeltent was het goed toeven.
Lekker dicht op elkaar en een tentdoek boven je hoofd. Af en toe
bijgelicht door de bliksem en wakker gedreund door de donder zijn
we heerlijk de nacht doorgekomen.
Na vele uren werd het weer (?!) licht. Afgezien van natte voeten
had iedereen de nacht overleefd. Het regende niet meer. We hoorden
alleen een merkwaardig, sterk geruis. Dit bleek de beek te zijn,
die behoorlijk gewassen was tot een diepte van meer dan een meter.
Het water had onze tenten nog net niet bereikt....
Het ontbijt bestond uit doorweekt brood. Na enige
verkenningstochten bleek de enige weg die we konden gaan de helling
op te zijn. Na een klim van enkele uren bleek dat we van de kaart
waren afgelopen. Wel hadden we inmiddels een pad gevonden, die liep
door een heel mooi bos. Op goed geluk doorlopen dus maar.
Langszamerhand werd het zonniger en warmer en nadat we water
hadden gevonden om te drinken kwamen we bij een boederijtje aan met
een picknicktafel voor de deur. Hier hebben we nog meer zompig
brood gegeten (heerlijk!) en hebben we onszelf en onze spullen te
drogen gelegd. De eigenaar van het huis kwam na verloop van tijd
aangecrossd in een tractor. Dit erg vriendelijke keuterboertje was
niet eens geschrokken van
zo’n
invasie jeugdbonders op zijn terrein. Onze persoonlijke tochttolken
Tanja en Nina vroegen hem de weg naar het dichtstbijzijnde dorp. Na
een prettige wandeling over confortabele wegen door een mooi bos en
een mooie uitzichten over het Bloke plateau bereikten we het dorp.
In het dorp aangekomen werd eerst het kamp gebeld, om een busje te
bestellen. We waren namelijk te ver afgedwaald om helemaal lopend
terug te komen, zoals we van plan waren geweest. De mensen op het
kamp bleken al ongerust te zijn over ons, vanwege het noodweer van
de afgelopen nacht. De kampboer had al horror verhalen verteld over
de omstuimige Iska rivier, die in één nacht tijd
immense proporties aan kan nemen en nietsvermoedende
jeugdbondertjes met zich mee kan sleuren. Dat viel dus allemaal
reuze mee.
Terwijl we op het busje wachtten hebben we de lokale winkel
geplunderd. Heerlijk in het zonnetje zitten en genietend van
chocoladerepen, koekjes en snoepjes kwamen we bij van de tocht. Al
met al is het leuke tocht geweest met een leuke groep mensen. Voor
mijzelf een goede afsluiting van een korte JNM carriere, ik word
‘oude sok’.