wilde kokkels www.Waarneming.nl
Translate this page! In your own language

 Home

nature-remove@this_hop.to    

Inhoud Site

Inhoud Site

Biology and Nature observations about biology summercamps, fresh water Algen, Orthoptera, Butterflies, Plants, Estonia, Albania, Slovakia, ZOTKS Slovenia and Birds.

Artikelen about Birds/(vogels), Plants of Slovakia, Amfibians (amfibien), Mammals/(zoogdieren), Grasshoppers/
(sprinkhanen)
, Butterflies (vlinders), Dragonflies/(libellen)

 
Calopteryx splendens is a well known butterfly which is easy to recognise. Splendens 
was only seen on seven places while the comparable Calopteryx virgo was very common. In Holland 
it is the other way around and virgo is has become nearly extinct. Calopteryx splendens was only 
seen in the Turiec valley at broad creeks.

Libellen Velike Bloke KNNV 1998

door Frans Roza

Bloscica (excursies 1 en 10)

De Bloscica is een prachtige, onaangetaste beek. Na een dag met hevige regenval bemerkten we, dat ze ver buiten haar oevers was getreden. Gezien de rijke fauna moet de waterkwaliteit uitstekend zijn. Bij het bruggetje bij Velike Bloke wemelde het dikwijls van de vissen. Bij de Bloscica vonden we veel libellensoorten, die kenmerkend zijn voor stromend (schoon) water. Vooral de beekjuffers vielen op, met hun prachtige paars/blauwe vleugels. We zagen veel mannetjes van de Bosbeekjuffer (Calopteryx Virgo), die voortdurend ruzie hadden over de territoriumgrenzen. Tijdens de libellenexcursie (10) hebben we geobserveerd, hoe de mannetjes reageerden als een vrouwtje in hun territorium neerstreek. Zowel de mannetjes als de vrouwtjes klapten geregeld hun vleugels even open en dicht. Maakten ze elkaar hiermee attent op hun aanwezigheid? We hebben ook waargenomen, hoe het mannetje een soort dans voor het vrouwtje uitvoerde, met een veel snellere vleugelslag dan gewoonlijk. Minder talrijk was de Weidebeekjuffer (C. splendens). Bij deze soort is bij de mannetjes alleen het bovenste deel van de vleugels gekleurd. De vrouwtjes van beide soorten beekjuffers zijn bruin/groen en moeilijk te onderscheiden.

Bosbeekjuffer /Calopteryx virgo (Photo Dave Smallhire)

De Rombouten (Gomphidae) vormen de enige familie onder de 'echte libellen', waarbij de ogen duidelijk uit elkaar staan. Op het kampterrein is een Beekrombout (Gomphus vulgatissimus) waargenomen, een prachtige geel met zwart getekende libel. Algemeen voorkomend bij de beek was de Kleine Tanglibel (Onychogomphus forcipatus). Alle mannetjeslibellen hebben achterlijfsaanhangsels, waarmee zij vrouwtjes grijpen. De mannetjes van deze soort spannen echter de kroon met hun enorme tang! Talrijk was de Breedscheenjuffer (Platycnemis pennipes) langs de Bloscica. Opvallend waren de dubbele schouderstreep en de verbrede poten. Tijdens ÚÚn van de libellenexcursies werd een paring van deze soort geobserveerd. De Breedscheenjuffers vormden een paringsrad met de vorm van een hartje (wat diepe indruk maakte bij sommigen). Bij verstoring vliegt het rad weg en vervolgt een eindje verder de paringsactiviteiten. Enige keren is de Kanaaljuffer (Cercion lindenii) waargenomen. Het vrouwtje van deze soort is typisch driekleurig (groen, blauw en bruingeel). Enige kilometers van het kampterrein verwijderd werd een geheel groene libel gezien, die snel over de beek vloog en geregeld even in de lucht bleef hangen. Twee soorten komen in aanmerking: de Metaalglanslibel (Somatochlora metallica) en de Zuidelijke glanslibel (S. meridionalis). De laatste soort heeft een geel vlekje op het borststuk en een zeer donker pterostigma. Lastig is, dat in SloveniÙ beide soorten voorkomen, en dat er zelfs tussenvormen bestaan. Bij een mannetje, dat we in het bos nabij het kampterrein vingen, konden we geen geel vlekje op het borststuk ontdekken. Bij de Bloscica troffen we nog een aantal soorten aan, die ook in andere biotopen gevonden kunnen worden, zoals het Lantaarntje (Ischnura elegans), de Tengere grasjuffer ( I. pumilio) en de Azuurwaterjuffer (Coenagrion puella). Roodoogjuffer ( Erythromma  najas)

Bos nabij het kampterrein (exc. 10)

In het bos ten Noordwesten van het kampterrein vonden we twee prachtige, ondiepe plasjes, die permanent water bevatten. De oppervlakte van deze plasjes bedroeg slechts enkele vierkante meters. Een van de plasjes was bijna geheel begroeid met Kranswier. Behalve libellenlarven bevatte het water ook talloze larven van Kikkers en Salamanders. Hier vonden we een aantal Zuidelijke Oeverlibellen (Orthetrum brunneum). De mannetjes van deze soort zijn, vergeleken met de Gewone Oeverlibel (O. cancellatum), veel blauwer. Opvallend is het wittig blauwe "gezicht". De Zuidelijke Oeverlibel zit dikwijls op de grond. Op een takje bij het tweede plasje zagen we een mannetje van de Platbuik (Libellula depressa) zitten. Zoals de naam aangeeft, is het lichaam van deze libel opvallend afgeplat. Om hem niet te verwisselen met de Oeverlibellen moeten we letten op de grote, donkerbruine basisvlekken op de vleugels.

Breedscheenjuffer (Platycnemis pennipes) Phot by Tim Faasen

Bij beide plasjes vonden we ook de Vuurjuffer (Pyrrhosoma nymphula), de enige rode waterjuffer met zwarte poten.

Ten Zuiden van Sleme ligt een bosmeer, waar we alleen twee Breedscheenjuffers (Platycnemis pennipes) zagen. Begroeiing met water- of moerasplanten was afwezig. Wat hoger lag een klein poeltje, geheel begroeid met Kranswier, waarin het wemelde van de vele Kikkervisjes etc. Hier ving ik een volgroeide Glazenmakerlarve. Omdat ik benieuwd was, welke soort het was nam ik hem mee. De larve werd geplaatst in een laagje water in een leeg pak appelsap, met een stokje erin, zodat hij uit het water kon kruipen. Glazenmakers sluipen gewoonlijk 's nachts uit, om predatie door vogels te vermijden. Na een dag of zes had de metamorfose plaats. Toen hebben we de eerste vlucht waargenomen van een vrouwtje Blauwe Glazenmaker (Aeshna cyanea). Deze soort onderscheidt zich van de andere Glazenmakers door het "lantaarntje", de verbonden vlekjes op de laatste achterlijfsegmenten.

In het bos bevond zich een smal stroompje, waar we de Bosbeekjuffer (Calopteryx virgo) , de Kleine Tanglibel (Onychogomphus forcipatus) en de Metaalglanslibel (Somatochlora metallica ? ) aantroffen. Behalve Haftelarven en een heel klein Rivierkreeftje vonden we in het water een Beekjufferlarve ( Calopteryx spec.).

Tocht naar Krizna jama (exc. 6)

Lantaarntje (Ischnure elegans)Een groep sportievelingen heeft lopend de tocht naar Krizna jama afgelegd, waar we een grottenexcursie maakten. Ten zuiden van het kampterrein zijn op deze tocht de volgende libellenwaarnemingen gedaan: Bosbeekjuffer (Calopteryx virgo), Platbuik (Libellula depressa), Metaalglanslibel (Somatochlora metallica ?), Zuidelijke Oeverlibel (Orthetrum brunneum) en de Vuurjuffer (Pyrrhosoma nymphula),

Iskavallei (exc. 8)

Tijdens de tocht door de Iskavallei zijn de Bosbeekjuffer (Calopteryx virgo) en de Bruine Glazenmaker (Aeshna grandis) waargenomen. De Bruine Glazenmaker heeft oranjebruin gekleurde vleugels. Eén van de hoogtepunten van deze excursie was de waarneming van twee vertegenwoordigers van de Bronlibellen (Cordulegastridae). Dit zijn de grootste libellen van Europa met een zwart en geel getekend lichaam. Gezien zijn de Zuidelijke Bronlibel (Cordulegaster bidentata) en de Balkanbronlibel (C. heros).Zwervende pantserjuffer (Lestes

Zwemmeertje (Blosko jezero)

Bij Blosko jezero, een zwemmeertje dat ca. 3 km ten oosten van Velike Bloke ligt, zijn een aantal interessante waarnemingen gedaan. Indrukwekkend is de vliegkunst van de Grote Keizerslibel (Anax imperator). De mannetjes hebben een blauw achterlijf, waarop een zwarte rugstreep voorkomt met dwarsstreepjes. Op 12 juli werd een huidje (exuvie) van een uitgeslopen mannetje van deze soort gevonden. Verder werden bij het zwemmeertje waarnemingen gedaan van een aantal Viervlekken (Libellula quadrimaculata) en een vrouwtje van de Venglazenmaker (Aeshna juncea). Van de aangetroffen waterjuffers noemen we: tandems van Breedscheenjuffer (Platycnemis pennipes) en Lantaarntje (Ischnura elegans), Azuurwaterjuffer (Coenagrion puella) en Grote Roodoogjuffer (Erythromma najas). De laatstgenoemde soort wordt dikwijls aangetroffen op drijvende bladeren van Waterlelie of Gele Plomp.

Dolenje jezero (exc. 11)

Bij dit meer zijn de Viervlek (Libellula quadrimaculata), de Platbuik (L. depressa), de Grote Roodoogjuffer (Erythromma najas) en de Gewone Oeverlibel (Orthetrum cancellatum) waargenomen. Ook de Witpuntoeverlibel (O. albistylum) werd hier gezien. De mannetjes van deze soort hebben witte achterlijfsaanhangsels. Spectaculair was de Vuurlibel (Crocothemis erythraea), een zeldzame soort in Nederland. De Steenrode heidelibel (Sympetrum vulgatum) is minder opvallend! Tenslotte werd hier een blauwgekleurde Glazenmaker gezien; misschien was het een Zuidelijke Glazenmaker (Aeshna affinis), die een zeer blauwe indruk maakt in de vlucht. Een andere mogelijkheid is, dat het een mannetje Blauwe Glazenmaker (A. cyanea) betrof.

 

Libellula depressa Platbuik Macedonie 30 maart 2004 vlakbij Punt