- Onderzoek
- Onderzoek Cogem :
- Tabel 1
- Tabel 2
- 2001
De Kruisbloemigen Raapzaad en Koolzaad (Brassica)
Herkennen van zes algemene Kruisbloemigen
Brassica: Koolzaad en Raapzaad
De combinatie van koolzaad en mobiliteit klinkt ons niet onbekend in de oren. De geelbloeiende kruisbloemige is de laatste jaren vooral bekend uit discussies over biodiesel. In plaats van 'rijden op' kun je dit voorjaar ook 'fietsen voor' koolzaad .Afgelopen jaar is een onderzoek gestart naar de vestiging van koolzaad in Nederland door het Instituut Biologie Leiden (IBL) in samenwerking met Centrum voor Milieukunde Leiden (CML) en Stichting FLORON. Dit onderzoek wordt gefinancierd door de COGEM (Commissie Genetische Modificatie). Deze commissie adviseert de regering over mogelijke risico's van genetische gemodificeerde organismen (ggo's) voor mens en milieu.
Er is veel discussie over in welke mate koolzaad in de Nederlandse natuur voorkomt. We zien in de periode april - mei veel gele kruisbloemigen in onze bermen, maar dit is niet allemaal koolzaad. Met name raapzaad lijkt erg op koolzaad. We hebben dan ook nog geen goed beeld van waar de soort precies voorkomt. De mate van vestiging van koolzaad in onze natuur speelt een rol bij de besluitvorming of ook genetisch gemodificeerd koolzaad geteeld kan worden in Nederland.
Uit de landelijke floradatabank FlorBase (periode 1975-2005) blijkt dat koolzaad veel algemener is dan raapzaad. Tot 1990 zijn er nauwelijks meldingen van raapzaad (5%), maar zeer veel van koolzaad (95%). Vanaf 1990 is het aantal raapzaad-waarnemingen explosief toegenomen. Het totale aantal waarnemingen is nu veel meer gelijk: 60% koolzaad en 40% raapzaad. Uit een inventarisatie in de lente van 2008 blijkt echter dat raapzaad algemener is dan koolzaad. We hebben dus een veel beter verspreidingsbeeld van beide koolsoorten nodig.
Om binnen ‚‚n veldseizoen in 2009 een redelijk groot gebied te kunnen inventariseren worden enthousiaste deelnemers gevraagd om tussen half april en eind mei fietsroutes in verschillende delen van Nederland te volgen. Ook losse waarnemingen zijn welkom. Om de diverse soorten goed te kunnen herkennen en onderscheiden is deze week een informatieblad uitgegeven. Belangstellenden kunnen terecht op www.floron.nl/koolzaad.
Tekst: Sheila Luijten (IBL) en Wout van der Slikke (FLORON) Foto: Sheila Luijten
Tabel 1: Herkennen van zes algemene Kruisbloemigen
Deelsleutel voor kruisbloemigen met
geel(achtige) bloemen en hauwen (vruchten minstens 3x zo lang als
breed)
1a. Stengelblad zittend met brede hartvormige,
(half-) stengelomvattende bladvoet
- Brassica
(Koolzaad en
Raapzaad): onderste bladeren liervormig,
veerdelig, bovenkant blad kaal tot (licht) borstelig behaard, onderkant kaal of
op de nerven met borstelharen, bovenste bladeren ñ gaafrandig, kaal, blauwgroen,
kroonblad geel, kelk schuin- tot rechtafstaand, vruchten afstaand, op doorsnede
niet rolrond maar licht afgeplat (insteekkaart)
1b. Stengelblad zittend met pijlvormige,
stengelomvattende bladvoet
-
Arabis glabra
(Torenkruid): kroonblad
bleekgeel, vruchten aanliggend
- Isatis tinctoria
(Wede): vruchten hangend
1c. Stengelblad aan de voet met (half-)
stengelomvattende oortjes
-
Barbarea
(Barbarakruid): stengelbladen gekarteld tot
gedeeld, vruchtkleppen met duidelijk
uitspringende middennerf, zaden in 1 rij
-
Rorippa austriaca (Oostenrijkse kers): middennerf niet of nauwelijks
uispringend, zaden in 2 rijen
1d. Stengelblad gesteeld of met versmalde bladvoet
zittend, niet stengelomvattend
2a. Kroonblad geel zonder aderen
3a. Vrucht met kort steriel deel (1-2
mm)
- Diplotaxis tenuifolia
(Grote
zandkool): vrucht niet
dwars ingesnoerd, stengel aan de voet iets houtig, blad veerspletig tot gedeeld
met langgerekte eindlob (naar rucola smakend), kroon helder geel, welriekend
- Raphanus
raphanistrum
(Knopherik): vrucht
dwars ingesnoerd tussen de zaden
3b. Vrucht zonder steriel deel aan de
voet
4b. Snavel minstens 3 mm of
minstens 1/4 of groter deel uitmakend van de totale vruchtlengte
- Brassica
oleracea
(Kool): kelk
rechtopstaand, alle bladeren kaal, vruchten afstaand
- Sinapis
arvensis (Herik):
Kelk afstaand, bovenste
bladeren ongedeeld, of bij de voet met kleine lob en onregelmatig bochtig
getand, donker groen, vruchtkleppen kaal tot iets behaard, snavel kegelvormig,
kantig en doorgaans korter dan de vruchtkleppen
- Sinapis alba (Witte mosterd): kelk afstaand, alle bladeren
liervormig, veerdelig tot geveerd, vrucht zwaardvormig afgeplat, langer dan de
vruchtkleppen, kleppen duidelijk behaard.
4a. Snavel kort (tot 3 mm) en een
veel kleiner deel dan 1/4 van de vrucht uitmakend
5a. Bovenste bladeren ongedeeld,
gaafrandig of bochtig getand
- Brassica nigra (Zwarte mosterd): onderste bladeren beide zijden
borstelig behaard, onvertakte, afstaande haren, kelk tenslotte rechtafstaand,
vruchten tegen as aangedrukt
- Diplotaxis
muralis (Kleine
zandkool): alle
bladeren ongedeeld, vruchten schuin afstaand
- Erysimum (Steenraket): stengel en bladeren met aangedrukte
2-3-takkige haren
5b. Bovenste bladeren ook gedeeld,
geveerd of 3-tallig
- Rorippa (Waterkers): blad en stengel vrijwel kaal,
kleppen onduidelijk generfd
- Sisymbrium (Raket): plant met enkelvoudige haren, blad
enkelvoudig geveerd, kleppen met 1-5 duidelijke nerven
2b. Kroonblad geelachtig meestal met
aderen : Coincya
monensis
(Muurbloemmosterd), Eruca vesicaria (Zwaardherik), Erucastrum
gallicum
(Schijnraket), Hirschfeldia incana (Grijze mosterd), Coringia
orientalis (Witte
steenraket)
2c. Kroonblad kleiner dan de kelk:
Descurainia
sophia
(Sofiekruid)
Tabel 2 Overzicht morfologische kenmerken
| Overzicht |
Koolzaad |
Raapzaad |
|
morfologische
kenmerken |
Brassica napus |
Brassica rapa |
| Bovenste
bladeren: |
|
|
| bladvoet |
ondiep-hartvormig |
diep-hartvormig |
| stengelomvattendheid |
half |
geheel |
| Kroonblad
(plaat): |
|
|
| overlap: |
meestal |
meestal niet |
| Kelk: |
|
|
| stand (bekijk meerdere bloeiwijzen) |
consequent schuin afstaand |
inconsequent schuin tot deels recht afstaand (rommelig) |
| Vrucht: |
|
|
| ratio snavel-vruchtklep
(gem.) |
1:5 (17% van de totale vruchtlengte) |
1:2.5 (30% van de totale vruchtlengte) |
| Onderste
bladeren:
|
|
|
| kleur |
- blauwgroen |
- grasgroen |
| beharing bovenkant |
- meestal kaal, - soms spaarzaam behaard |
- licht tot borstelig behaard, - blad bobbelig (haren staan op een verhoging (schijnbaar witte puntjes), - soms lijkt het blad kaal (voelen) |
| beharing onderkant |
- kaal of licht borstelachtige beharing op de nerven |
- (licht) borstelig behaard op de nerven, soms ook nagenoeg kaal |
| Positie bloemknoppen en bloeiwijze: (bekijk meerdere bloeiwijzen) |
- knoppen doorgaans boven de bloemen (bloeiwijze uitgerekt), - knoppen schotelvormig bijeen boven tot tussen de bloemen, of knoppen onder
de bloemen (bloeiwijze op hoogte van de knoppen gedrongen, op hoogte
van de (uitgebloeide) bloemen uitgerekt) |
- knoppen staan meestal net onder/tussen de bloemen daardoor niet direct
zichtbaar, (bloeiwijze van boven rond afgeplat en gedrongen), - soms knoppen boven de bloemen, maar de hele bloeiwijze blijft gedrongen |
KNNV PWG start de inventarisatie op donderdagavond 3 april 2008 en alle avonden beginnen om 18.30 uur
In Groningen wordt verzameld op de parkeerplaats (gedeeltelijk onder de ringweg) aan de Peizerweg
t/o meubelboulevard VESTA tegen de spoorwegovergang.
Mochten mensen direct naar de te inventariseren locatie willen rijden, voor een aantal locaties wordt ter plaatse
ook nog verzameld. Dit gebeurt een kwartier later, om 18:45:
Verzamellocaties KNNV PWG in 2008
KNNV PWG start de inventarisatie op donderdagavond 3 april 2008 en alle avonden beginnen om 18.30 uur
In Groningen wordt verzameld op de parkeerplaats (gedeeltelijk onder de ringweg) aan de Peizerweg
t/o meubelboulevard VESTA tegen de spoorwegovergang.
Mochten mensen direct naar de te inventariseren locatie willen rijden, voor een aantal locaties wordt ter plaatse
ook nog verzameld. Dit gebeurt een kwartier later, om 18:45:
Verzamelpunten KNNV PWG
april 2008
3 Groningen-Stad Floron 1e keer
10 Winsum Floron 1e keer
17 Roden WFD 1ekeer
24 Groningen-Stad Floron 2ekeer
mei 2008
1 Hemelvaartsdag (geen inventarisatie)
8 Winsum Floron 2ekeer
15 Roden WFD 2ekeer
22 Groningen-Stad Floron 3ekeer
29 Winsum Floron 3ekeer
juni 2008
5 Roden WFD 3ekeer
12 Groningen-Stad Floron 4ekeer
19 Winsum Floron 4ekeer
26 Roden WFD 4e keer
juli 2008
3 Groningen-Stad Floron 5e keer
10 Winsum Floron 5ekeer
17 Roden WFD 5ekeer
24 Groningen-Stad Floron 6ekeer
31 Winsum Floron 6ekeer
augustus 2008
7 Roden WFD 6ekeer
14 reserve/nader te bepalen
21 reserve/nader te bepalen
28 reserve/nader te bepalen
Afmelden:
Willem Stouthamer, Meidoornlaan 43, 9756
BN Glimmen
Tel. 050 3143841 of Email: stouthamer.wjATinter.nl.net
Planning 2008
1. Doel: Groningen-Stad tbv Floron
Verzamelpunt : Groningen, parkeerplaats (gedeeltelijk onder de ringweg) bij spoorwegovergang Peizerweg en t/o Vesta
kaart 7D
230 X 582 De Held
231 X 583 Vinkhuizen / Paddepoel
234 X 582 UMCG
234 X 583 Korrewegwijk (oost)
234 X 584 De Hunze
2. Doel: Garnwerd tbv. FLORON
Alternatief verzamelpunt : Winsum , parkeerterrein
van het zwembad (links na bloemenzaak; vóór het voetgangersstoplicht,
richtingsbordjes: waterrecreatie `Marenland` en sportpark `Schilligeham`)
kaart 7A
225 X 594 Schouwerzijl
226 X 594 Schaphalsterzijl
227 X 592 Zijlsterhoeve
227 X 593 Hunzebocht
228 X 591 Garnwerd
3. Doel: Roden tbv. WFD (Florameetnet Drenthe)
Alternatief verzamelpunt : Roden, Brink parkeerplaats naast Herv. kerk en t/o café “Onder de Linden” (vanaf Groningen naar Roden, rotonde bij ALDI linksaf richting Roderesch/Norg)
kaart 12A UUR-hok 220 X 570
220 X 574 Diepwal / Leek
221 X 573 De Kaap
222 X 572 Nieuw Roden
223 X 571 De Hullen / Roden
224 X 570 Roderesch
AAN DE SLAG IN 2007
Excursieprogramma FLORON Groningen
9 juni 2007 -zaterdag- (D1)
Bij Ter Apel liggen verscheidene selectiehokken, die dit jaar bij voorkeur onderzocht moeten worden. Er staan er 3 op het programma; alle drie afwisselende en waarschijnlijk interessante hokken.
266X547 Ter Apelkanaal, kanaal en oude tramdijk, 268X545 Ter Apel, oud en jong bos, woonwijk en ook een stukje tramdijk,
270X544 Ter Apelersluis, kanaal, bos.
Verzamelen om 9.30 uur parkeerplaats bij het Boshuis in Ter Apel (bij het Klooster).
20 juni 2007 -woensdag- (D1)
Ter afwisseling eens een avondexcursie om te zien hoe dat uitpakt. In 2006 bleken er op het industrieterrein Rensel in Winschoten veel bijzondere planten te staan, zoals bijvoorbeeld Gevlekte scheerling, Kaal breukkruid, Papegaaienkruid, Klein liefdegras en nog veel meer. De bedoeling van de excursie is niet zoveel mogelijk soorten op een lijst aan te strepen, maar zoveel mogelijk leuke planten te leren kennen, ontspannen botaniseren dus.
Verzamelen om 18.30 uur parkeerplaats station Winschoten.
21 juli 2007 -zaterdag- (D2)
Wetsingerzijl is het sluitstuk van de Sauwerdermaar voordat deze maar uitstroomt in het Reitdiep. Deze zijl was ooit nodig om eb en vloed op te vangen. Vanaf deze plek is het Reitdiep een groot deel recht getrokken voor de scheepvaart. De oorspronkelijke loop, thans Oude diepje genaamd, is nog duidelijk in het landschap zichtbaar. Brak waterplanten moeten daar aanwezig zijn en op de dijken van het Reitdiep
staat Kamgras, Veldgerst en misschien nog Kattendoorn?
Verzamelen om 9.30 uur café Hamming te Garnwerd.
18 augustus 2007 -zaterdag- (D2)
Achter de zeedijk in de Bocht van Watum, onderdeel van de Eems, ligt Hoog Watum. In het bijzonder inspecteren we, binnen km-hok 254X601, de zeedijk op Knopig doornzaad en in de gracht rond de zeer oude boerderij Hoog Watum hopen we Fijn Hoornblad vast te stellen. Verzamelen om 9.30 uur station Delfzijl
Excursies WFD - Floron District 5
12 mei de Kleibosch, Roderwolde
26 mei Hondstong
14 juli omgeving Westerbork
8 september Mantingerveld
info: www.wfddrenthe.nl
Kampen FLORON
In de landelijke FLORON NIEUWSBRIEF zal meer informatie staan (zie ook op de site www.floron.nl). Wij geven nu alvast alle datums (onder voorbehoud), opdat u deze weekenden al kunt reserveren:
15-17 juni Drente, Gasselte
6- 8 juli Vlieland
24-26 aug. Twente Buurse
7- 9 sept. Zeeuws-Vlaanderen
Gekozen km-hokken periode 2006-2010
FLORON heeft met ingang van 2006 voor 5 jaar bijna 100 km-hokken per district in Groningen geselecteerd.
Wil je één of meerdere km-hokken inventariseren neem contact op met een van beide coördinatoren.
Aan de slag in 2006
AAN DE SLAG IN 2006
Excursieprogramma FLORON Groningen
3 juni -zaterdag- (D2)
Achter de Coendersborg ligt het gelijknamige Landgoed, waarvan het Coendersbosch deel uitmaakt. Een groot gedeelte van dit bos ligt in km-hok 216X572. De beide andere km-hokken 217X573/574 hebben een fraai coulissen-landschap getuige de 'Hagedoornsweg'. In het noordelijkste hok ligt het landgoed Het Steenhuis.
Verzamelen om 9.30 uur parkeerplaats voor de Coendersborg te Nuis.
24 juni -zaterdag- (D1)
Sellingen 272X549 en 272X550 Goede wijn behoeft geen krans. Bij het mooie Sellingen zijn door het LB verscheidene hokken geselecteerd. Daarvan gaan we er twee bekijken.
Verzamelen om 9.30 uur op de parkeerplaats naast het Gemeentehuis in het dorp.
5 augustus -zaterdag- (D1)
Onstwedde 266X561 en 268X562 Twee mooie hokken, die door het LB geselecteerd zijn, één bij Onstwedde en één bij Terwupping.
Verzamelen om 9.30 uur op de parkeerplaats bij de Hervormde kerk (de Juffertoren).
19 augustus -zaterdag- (D2)
In en bij Uithuizen heeft FLORON de km-hokken 241X602 en 242X604 geselecteerd. In het eerste hok ligt de Menkemaborg.
Verzamelen om 9.30 uur parkeerplaats voor de Menkemaborg te Uithuizen.
AAN TE VRAGEN bij de coördinatoren:
Streeplijsten
(Wetenschappelijke of Nederlandse versie)
Rode lijst formulieren
Detail formulieren
Waarnemingskaartjes (zie www.floron.nl)
Losse waarnemingsformulieren
Inventarisatiekampen FLORON
In de landelijke FLORON NIEUWSBRIEF zal meer informatie staan (zie www.floron.nl). Wij geven nu alvast alle datums, opdat u deze weekenden al kunt reserveren:
16-18 juni West Brabant
7- 9 juli Vlieland
25-27 aug. Zeeland
8-10 sept. Elegast Ubbergen
SELECTIE KM-HOKKEN 2006
FLORON heeft voor 5 jaar bijna 100 km-hokken per district in Groningen geselecteerd. Wij hebben voor 2006 de km-hokken uitgekozen, die het langst geleden zijn bezocht. De bedoeling is dat je één of meerdere van onderstaande km-hokken voor je rekening neemt 2006. Mocht er geen enkel km-hok bij zijn naar je smaak of liggen ze te ver weg, neem dan contact op met je coördinator.
District 1
242 X 594 266 X 564
245 X 580 266 X 573
250 X 565 268 X 580
260 X 554 270 X 550
260 X 555 270 X 581
261 X 553 271 X 579
266 X 547 274 X 557
Distrect 2
210 X 575 218 X 577
210 X 577 219 X 584
210 X 581 219 X 586
214 X 575 219 X 587
216 X 577 219 X 588
217 X 573 230 X 590
217 X 574
JAARVERSLAGEN 2005
District 1 Groningen-Oost
Er is in 2005 weer heel wat werk verzet in D1. Er werden 3 excursies gehouden: op 4 juni naar Garsthuizen, op 23 juli naar Blijham en op 20 augustus naar Barlage bij Onstwedde. Aantal deelnemers respectievelijk 4, 7 en 6. Het aantal vrijwilligers was dit jaar 15, waarvan 6 uit D2. De vrijdagseniorengroep uit D2 leverde 3 streeplijsten in, leden van de KNNV plantenwerkgroep Veendam e.o. 12, en 5 personen trokken er individueel op uit.
Resultaat:
Streeplijsten 34
Rode lijst - en Detailformulieren 29
Losse waarnemingsformulieren 4
Meldingskaartjes 4
BPS-formulieren 3
Bovendien nog 4 BSP-formulieren uit 2004. Hoewel er minder streeplijsten en formulieren waren dan het vorige jaar was het aantal waarnemingen groter: ruim 6500 (in 2004 ruim 6300). Het hoogste aantal soorten in een hok werd door Willie Riemsma gevonden in Wildervank (252X568), nl. 331. Voor het BSP-project stonden 2 soorten op het programma. De Groensteel in Musselkanaal werd gelukkig weer teruggevonden. Van de Dennenwolfsklauw vulde Bert Oving 7 BSP-formulieren in, 4 met waarnemingen uit 2004 en 3 uit 2005.
Voor de 12 door het Landelijk Bureau geselecteerde km-hokken was veel animo, ze zijn allemaal onderzocht. De algemene bevinding was dat lang niet alle soorten van de vorige inventarisaties werden teruggevonden, maar dat er wel veel nieuwe soorten zijn bijgevonden.
Iedereen wordt weer hartelijk bedankt voor zijn/haar inspanningen en ik reken ook in 2006 weer op jullie enthousiasme.
Anneke Nieuwenhuijs
District 2 Groningen-West
Resultaat:
Streeplijsten 21
Rode Lijst formulieren 4
Detail formuliren 2
Losse waarnemingsformulieren 29
Waarnemingskaartjes 25
Alles bij elkaar opgeteld, rekeninghoudend met 'Rode Lijst' dubbeltellingen, levert dit een totaal van 3206 waarnemingen. Ter vergelijking: 2004/10783, 2003/9035, 2002/9570, 2001/7658 en 2000/9499. Conclusie: even gas terugenomen.
De plantenwerkgroep van de KNNV Groningen neemt hiervan 7 lijsten met 1083 soorten voor zijn rekening. Voorts hebben de Vrijdagseniorengroep, Jennie Hendriks, Irene Robertus en Bonny van der Werf een streeplijst ingeleverd. De overige lijsten zijn ingevuld tijdens de excursies. Het Bedreigde Soorten Plan heeft geen enkele melding opgeleverd.
Iedere waarnemer/streper wordt bedankt voor zijn/haar inspanning.
Willem Stouthamer
EXCURSIEVERSLAGEN 2005
Garsthuizen (D1) 4 juni
Km-hok 240X599 is het meest Noordwestelijke hok van D1 en was alleen daarom uitgekozen als excursiehok. Er is bouwland op klei met veel slootjes die met Riet zijn dichtgegroeid en er lopen 2 wegen door. Er werden 110 soorten aangestreept, waaronder gewone kleisoorten als Duist en Grove varkenskers, maar ook Platte rus, Roze winterpostelein, Kraailook en Zeegroene ganzenvoet. Een later bezoek in augustus bracht het aantal soorten op 138, waaronder nog Rode ogentroost, die ons in juni niet was opgevallen omdat het toen nog niet bloeide.
Km-hok 242X599, 2 km naar het oosten, was wat afwisselender. Er loopt een maar door met brede maaipaden, en er ligt een oprit van de N46 in. Hier werden 133 soorten aangestreept, waaronder 5 A-soorten, nl. Hemelsleutel, Gevleugeld hertshooi, Holpijp, Grote kattenstaart en Zwanenbloem, en één R-soort nl. Kamgras. Vermeldenswaard zijn nog: Grote ratelaar, Platte rus, Zeegroene zegge en Zannichellia. In augustus werd het aantal soorten nog aangevuld tot 159, waaronder Zeegroene ganzenvoet. Na afloop van de excursie dronken we koffie in de Menkemaborg. Deelnemers: Jennie, Willie, Willem en Anneke.
Boerakker (D2) 18 juni
Km-hok 217X579 is een voor 2005 door FLORON aangewezen hok. Boerakker is niet meer dan enkele huizen naast een gebied met petgaten. Het is een natuurgebied van SBB en wordt aan de oostkant begrensd door de Boerakkerweg en aan de westkant door het Dwarsdiep. Aan de zuidkant wordt een fietspad gerealiseerd en heeft het natuurgebied een kleine uitbreiding gekregen. De fietser overwint het Dwarsdiep dmv. een splinternieuw handbediend pontje. Dit vaartuig lag echter nog aan de ketting, zodat voor inventarisatie van de weiden aan de overzijde een flink eind moest worden omgereden. Deze weiden waren weer teruggegeven aan de natuur en waren verrassend rijk (Moerassprinkhaan).
Het gebied met de petgaten is een botanisch juweel en niet vrij toegankelijk. Egel- en Grote boterbloem, Schildereprijs, Gagel, Veenpluis, Wateraarbei, Waterdrieblad, Moeraswederik en vele zeggensoorten (waaronder de Noorse) zijn (weer) gevonden. Qua orchideeën werden we teleurgesteld; slechts één uitgebloeide Rietorchis hebben we gevonden. Misschien waren we aan de late kant. Roel Douwes en Bonny van der Werf maakten de omweg en Anneke, Annie en Willem streepten rond de petgaten. Veel later is gebleken dat Irene Robertus bij een andere kerk stond en onverrichter zake huiswaarts is gekeerd. Jammer. De totale inspanning, inclusief een voorjaarsronde, van het gehele km-hok leverde 200 soorten op. Toch moeten er meer soorten gevonden kunnen worden; twee bezoeken is aan de krappe kant bv. Moerasbeemdgras is waarschijnlijk over het hoofd gezien.
Blijham (D1) 23 juli
Zeven deelnemers waren naar deze excursie gekomen, zodat we de groep splitsten. Met z'n drieën onderzochten we km-hok 267X569. Dit bestaat voor het grootste deel uit het “lanengebied” Morige: onverharde of halfverharde, parallelle, vaak doodlopende wegen, en arbeidershuizen met een grote lap grond, die als moestuin of weiland wordt gebruikt, We vonden wel 205 soorten, maar niet veel bijzondere. Het leukst vond ik Kleine leeuwentand, in de berm van de Hoofdweg, een soort die in Oost Groningen zeldzaam is. Verder 5 A-soorten, waaronder Egelboterbloem en ook nog Doornappel, Straatliefdegras, Platte rus en Klein vogelpootje. Een later bezoek, om een paar lanen waar we niet aan waren toegekomen nog te bekijken, leverde nog Donzige klit op en bracht het totaal op 210 soorten.
Het andere km-hok 269X569 ligt helemaal in het landelijk gebied en wordt door de Westerwoldse A in tweeën gedeeld. Dat was de reden om het groepje van 4 mensen weer in tweeën te splitsen. Twee personen onderzochten het natuurgebied de Gaast ten Oosten van de Westerwoldse A, een weilandgebied met heggen, landschappelijk aardig. Wat planten betreft viel het wat tegen, hoewel er wel Egelboterbloem, Naaldwaterbies, Waterviolier en Wilde bertram werd gevonden. Aan de Westkant van de A was de berm van de Versche Dijk goed voor Veldkruidkers (abundantie 3) en Langbaardgras. Langs de A stond Tweerijige zegge en bij de oude dijk stond veel Dauwnetel (abundantie 3). Verder werden ook Rood guichelheil en Bastaardpaardenstaart aangestreept. Het totaal kwam op 195 soorten. Omdat alle 3 café's in Blijham dicht waren, gingen we naar de Urnenhoeve bij de Wedderbergen om de excursie af te sluiten met koffie en slagroomwafels. Deelnemers: Jennie, Willie, Annie, Roel, Willem, Martin, Anneke.
Eemshaven (D2) 6 augustus
De Eemshaven is een opgespoten randje Groningen aan de Waddenzee. Veel industrie is er nog steeds niet, maar het trekt aan. De toegang tot de Eemshaven is het Doekegatkanaal, dat qua afmeting precies in één km-hok past. Anneke Nieuwenhuijs en Gerda de Jong zijn alleen in het oostelijke deel van het km-hok 251X608 geweest en in het oostelijk aangrenzende km-hok 252X608. In beide km-hokken beslaat het wateroppervlak meer dan de helft en de andere helft is opgespoten zand. Een enorme zeedijk vormt de scheiding van water en land. Er staat slechts een bescheiden gemaaltje. Het eerste km-hok leverde 88 soorten op, waaronder Geelhartje, Grote kattenstaart, Hazenpootje, Sierlijke vetmuur en Dwergzegge. Het tweede km-hok is botanisch een stuk interessanter, vanwege een moerassig gedeelte. Echter slechts 58 soorten. Extra werden vastgesteld Fraai- en Echt duizendguldenkruid, Veenpluis, Stijve ogentroost, Egelboterbloem. Op de zeedijk staat Blauw walstro. Het plakkaat Strobloem ligt er nog steeds in volle glorie. De plek wordt door velen nauwlettend in het oog gehouden en vaak worden de beheerders er op aangesproken de plek te ontzien in het straffe maaibeheer. Hulde voor beheerders en beschermers van deze in Nederlandse unieke populatie! Een later bezoek eind september door Anneke bracht het totaal op 84 soorten.
Martin Busstra, Jennie Hendriks en Willem Stouthamer inventariseerden km-hok 253X607 met een zeedijk en moerassige stukken. Totaal 136 soorten met Gevleugeld hertshooi en Moerasbasterdwederik en massaal Gewone waternavel. Slechts een enkele Rietorchis kon worden teruggevonden (ongetwijfeld moeten er meer staan). Een paar struikjes, Langstelige olijfwilg naar later is gedetermineerd, op enkele plaatsen in het Riet trokken de aandacht.
Tenslotte km-hok 253X605, een voor 2005 door FLORON aangewezen hok. Het km-hok bestaat voor de helft uit bouwland en de andere helft uit opgespoten land. Er loopt een kanaaltje door, een enkele weg en een klein stukje zeedijk en er staat een schakelstation van de Eemscentrale.
Omdat het een geselecteerd km-hok betrof, is het eerder bezocht op 28 maart en op 1 mei door WS.
Roel Douwes, Bonny van der Werf en Richard Dijkstra zetten er hun tanden in: 220 soorten. Opmerkelijke vondsten zijn Rood guichelheil, Zulte, Kamgras, Slangenkruid, Moeraswespenorchis en Rietorchis, Platte rus, Ruw vergeetmijnietje en Lathyruswikke, Vlooienkruid, Hongaarse raket, Duinvogelmuur, Moerasbasterdwederik en eveneens Langstelige olijfwilg. Op de zeedijk groeit Knopig doornzaad en Blauw walstro.
De Moerasbasterdwederik staat op meerdere plekken in Groningen, ook in de Lauwersmeer; de soort staat niet op het Hoge land (klei) en is voor het eerst in de Eemshaven vastgesteld!
Langstelige olijfwilg (Elaeagnus multiflora) werd bij latere determinatie door meerdere personen vastgesteld. Eerste vondst in Groningen. NB. de Smalle olijfwilg (Elaeagnus angustifolia) staat op twee plaatsen in Groningen, waaronder de Lauwersmeer.
Barlage (D1) 20 augustus
Het gebied Barlage is een landelijk gebied met veel laanbeplanting en bosjes. Door het km-hok Barkhoorn 266X559 lopen de Mussel A en een paar wegen. We onderzochten het km-hok met z'n drieën. De enige R-soort die we vonden was Steenanjer, langs een niet lang geleden aangelegd fietspad. Verder vonden we 9 A-soorten, waaronder Egelboterbloem en Lidsteng. Andere vermeldenswaardige soorten waren Naaldwaterbies, Kleine leeuwenklauw en Gewoon langbaardgras. In de Mussel A stond Kransvederkruid met duidelijke winterknoppen. Het totaal aantal soorten kwam op 179.
Door het andere hok 267X559 loopt het Mussel A-kanaal. Willem onderzocht de Oostkant daarvan en vond er o.a. Eenjarige hardbloem, Tweerijige zegge en Wilde bertram. Aan de Westkant werden o.a. Dicht havikskruid en Steenanjer gevonden, de enige R-soort, en ook Kransvederkruid. Bij elkaar 209 soorten. Na afloop koffie in Theehuis Smeerling. Deelnemers: Jennie, Klaas, Willem, Johanna, Jaap, Anneke.
Verslagen PlantenWerkGroepen 2005
KNNV afdeling Veendam e.o.
De floristen van de Plantenwerkgroep hebben dit jaar 11 kilometerhokken geïnventariseerd voor Floron. Annie Vos en Willie Riemsma hebben twee km-hokken ten Zuiden van Smeerling 268X559 en 269X559 op wilde planten uitgeplozen. Daarnaast hebben ze bij de Groeve 244X570 een km-hok geïnventariseerd. Willie Riemsma heeft daarnaast nog twee 'hokken' in Veendam 253X569 en 252X568 voor haar rekening genomen. In een daarvan stonden twee Rietorchissen prachtig te bloeien.
Jaap Tonkes heeft bij ten Westen van Scheemda 259X577 en 259X578 twee km-hokken onderzocht. Ook heeft hij een km-hok bij Ter Borg in Sellingen 271X551 geïnventariseerd.
Johanna Berghuis en Klaas Steenbergen hebben drie km-hokken rond Nieuw-Scheemda 259X580, 259X581 en 258X581 de soorten bestudeerd en genoteerd.
Het tijdstip van inventariseren bepaalde iedereen steeds zelf. Voordeel was dat men altijd op pad ging met goed weer! Eén keer per maand kwamen we bij elkaar op 'bezoek' in een van bovengenoemde km-hokken.
Met Floron Groningen hebben we een aantal zaterdagen meegedaan met inventarisaties om de 'witte gebieden' weg te werken. Met de Werkgroep Florakartering Drenthe (Floron Drente) hebben we eveneens een aantal zaterdagen geïnventariseerd.
In juni was er op Schiermonnikoog een Floronkamp. Vijftig floristen hebben het hele eiland in twee dagen op planten uitgevlooid. Daarbij was Annie Vos van de partij. Begin september was er een Floronkamp in Nijmegen en zijn verschillende km-hokken in de Millingerwaard en de stad Nijmegen op planten geïnventariseerd. Anneke Nieuwenhuijs en Annie Vos namen daaraan deel.

Figuur: Kleine wolfsmelk (uit Heukels' Flora)
Als meest interessante waarnemingen van dit seizoen in ons gebied kunnen we nog vermelden: Amsinckia (Amsinckia menziesii) in hok 268X559 40 planten; Kleine wolfsmelk (Euphorbia exigua) in hok 259X577 10 planten RL 3, Akkerandoorn (Stachys arvensis) in hok 259X573 RL3 en Muizenstaart (Myosurus minimus) eveneens in 259X573. De laatste 3 soorten zijn voormalige akker(on)kruiden die door intensivering van de landbouw praktisch zijn verdwenen.
Annie Vos (coördinator) / aanvullingen Jaap Tonkes
KNNV afdeling Groningen
Voor Floron hebben we 7 km-hokken geïnventariseerd in het gebied even ten Zuiden en Oosten van Winsum. Deze hokken in het Reitdiepdal op Groninger klei leverden gemiddeld 155 verschillende soorten op.
Voor de WFD (Werkgroep Florameetnet Drenthe) zijn we actief geweest in de kop van Drenthe; daar hebben we maar liefst 13 km-hokken intensief onderzocht. Behalve de soorten hebben we ook onze looproute iedere keer vrij nauwgezet opgetekend, opdat na een aantal jaren bij een herhaling kan worden vastgesteld waar de soorten te vinden kunnen worden. Het gemiddeld aantal soorten is op het zand in de kop van Drente stuk hoger dan op de klei nl. 241.
En tenslotte hebben we voor NatuurMonumenten geselecteerde soorten in een stuk van de Peizermaden gekarteerd. Op 3 october vorig jaar zijn de resultaten overhandigd aan Jacob de Bruin van NM. Tijdens onze ijverige inspanningen werden enkele door een zeer boze boer gesommeerd zich onmiddellijk uit een perceel te verwijderen. Indien het project voor NM wordt voortgezet, hopen we hiermee niet opnieuw geconfronteerd te worden.
Ons jaarlijkse uitstapje samen met de afdeling Veendam, dit keer naar de Pannerdense kop (een paar weken vroeger dan stond aangekondigd), leverde toch weer een paar nieuwe soorten op: een manshoge Peperkers, een afgevreten Weidekervel en Brede Wolfsmelk (determinatie vd laatste soort door Gerard Dirkse, Nijmegen).
Willem Stouthamer (coördinator)
BIJZONDERE WAARNEMINGEN 2005
Deze lijst is een vrij lange opsomming, echter ze zou nog veel langer zijn ware het niet dat als criterium is ingevoerd: 10 en minder soorten in het district en/of buiten bekend areaal gevonden; uitgangspunt is Florbase 2L (t/m 2003).
Absintalsem (Artemisia absinthium)
249X576, braakliggend terrein, Sappermeer, eerste vondst in D1, opg. ED.
Alsemambrosia (Ambrosia artemisifolia)
232X579 braakliggend terrein Donderslaan Groningen, opg. Richard Dijkstra. 233X581 Donkersgang binnenstad Groningen, opg. PB. Derde en vierde vondst D2. In de stad Groningen is de soort eenmaal eerder gevonden.
Amsinckia (Amsinckia menziesii)
268X559, in een brede berm met veel Kamille bij Harpel., opg. AV (eerste vondst in D1).
Akkerandoorn (Stachys arvensis)
259X573, in landje met Zonnebloemen, Meeden, opg. JT.
Bezemkruiskruid (Senecio inaequidens)
233X581 Langs spoor stad Groningen (toegenomen), 235X571 voormalig rangeerterrein Europark Groningen, beide waarnemingen Rob Koelman en 244X603 spoorwegovergang Uithuizermeden, opg. PB.
Verzamellocaties KNNV PWG in 2005
KNNV PWG start de inventarisatie op donderdagavond 7 april 2005 en alle avonden beginnen om 18.30 uur In Groningen wordt verzameld op de parkeerplaats aan de Bedumerweg bij cafetaria 'de Wachtkamer' (het voormalig busstation). Mochten mensen direct naar de te inventariseren locatie willen rijden, voor een aantal locaties wordt ter plaatse ook nog verzameld. Dit gebeurt een kwartier later, om 18:45:
April
7 WFD 114 Floron 1
21 Peizermade (lijnen)
28 WFD 2
Mei
5    Hemelvaartsdag (geen inventarisatie)12 Peizermade (lijnen)
19 Peizermade (lijnen)
zondag 22 2000 soortendag
236 X 575 Wolddeelen/Sassenhein (330 srt)
8.00 uur parkeerplaats theehuis Sassenhein
OF
uurhok 235 X 575 (Haren)
26 Floron 2
Juni
2 Peizermade (vlakken/vóór maaien 15 juni)9 Peizermade (vlakken/vóór maaien 15 juni)
16 WFD 3
23 Peizermade (vlakken/vóór maaien 1 juli)
30 Peizermade (vlakken/vóór maaien 1 juli)
Juli
7 Floron 314 Peizermade
21 Peizermade
28 WFD 4
Augustus
4 Floron 411 Peizermade
18 WFD 5
25 Floron 5
Zondag 25 sept. excursie Millingerwaard (meerijders €
10)
verzamelen. 8.00 uur Groningen Ikea/achter benzinestation
Afmelden:
Willem
K.N.N.V. afdeling Groningen PlantenWerkGroep
Aandachtsgebieden in 2005
Gebied 1: FLORON Zuidwolde
Verzamelen bij het Zuidwolde café Vaatstra(bij de gestremde brug Boterdiep)
kaart 7B Aantal soorten van het kmhok bekend
223 X 593    95      Saaxumerpolder/Reitdiep   
39
228 X 592 119    Reitdiep/Oude diepje    26/27
231 X 592 83      Huize Tilburg    27
233 X 592 119     Oude Ae/St. Nicolaasmaar   
27
reserve (kaart 7A)
225 X 594 Schouwerzijl
Gebied 2: WFD FLORA meetnet Eelde-Peize-Roderwolde
kaart 12A
225 X 579    Oostwold    1
226 X 578    Rietboor/Polder Matsloot-Roderwolde   2
227 X 577    Hooiweg    2
228 X 576    De Waalborg/Peizerdiep   2
229 X 575    Peizerwold    2
230 X 574    Noorddijk/Broekstukken   2
231 X 573    Middelhorst/Snegelstukken    2
232 X 572    Westerstukken      2
233 X 571    Borgstukken    8
234 X 570    Vliegveld Eelde    8
En de derde Opdrachtgever:
Gebied 3: Flora kartering Peizermaden (NM)
ACTIVITEITEN 2004
ACTIVITEITEN 2003
ACTIVITEITEN 2002
233X580 Groningen parkeerplaats Davidstraat (reinigende hand vd gemeente heeft deze plek dit jaar niet bereikt, zodat dit fraaie eenjarige gras zaad heeft kunnen zetten), opg. PB
Comments always welcomed
Either via email or the weblog. Thanks for reading.
Colofon
- Aan deze webpagina werkten mee:
- Willem Stouthamer
- Anneke Nieuwenhuijs
- Andre Hospers
- en veel waarnemers
Bewijsmateriaal van bijzondere vondsten
Van sommige plantensoorten is het voorkomen op een bepaalde plaats zo bijzonder dat we je vragen om de vondst te bevestigen door middel van gedroogd materiaal (wanner de populatie-omvang het tenminste toelaat) of een goede kleurenfoto/dia (wanneer er bijvoorbeeld maar een of enkele exemplaren van de bijzondere soort staan). Let bij het verzamelen uiteraard op dat allerlei determinatie-kenmerken (zowel zaden als bloemen bijvoorbeeld) op het geplukte exemplaar voorkomen. Verzamel in elk geval materiaal van soorten die zeldzaam zijn in het gebied waar je loopt of die nog nooit in het geïnventariseerde gebied werden gevonden. Noteer ook wat er in de directe omgeving van de plant staat en beschrijf het gebiedje. Wil je meer weten over de soorten die het betreft? Laat dat dan weten.
- Nieuwsbrief 08 2001 (pdf) (html)
- Nieuwsbrief 09 2002 (pdf) (html)
- Nieuwsbrief 10 2003 (pdf) (html)
- Nieuwsbrief 11 2004 (pdf) (html)
- Nieuwsbrief 12 2005 (pdf) (html)
- Nieuwsbrief 13 2006 (pdf) (html)
- Nieuwsbrief 14 2007 (pdf) (html)
- Nieuwsbrief 15 2008 (pdf) (html)
- Nieuwsbrief 16 2009 (pdf) (html)
FLORON is betrokken bij de wilde flora
FLORON betekend Floristisch Onderzoek Nederland. Het verzamelen van gegevens over wilde planten is leuk en zinvol. Floristen verzamelen dan ook in hun vrije tijd meer dan de helft van alle beschikbare floragegevens. Deze zijn van groot belang voor beherende instanties, overheden en onderzoekers. FLORON stelt zich ten doel het floristisch veldonderzoek op nationaal niveau te organiseren, te stimuleren en te coordineren. Er zijn landelijk honderden vrijwilligers in FLORON-verband actief. In Groningen zijn dit er enige tientallen. Het Landelijk Bureau in Leiden zorgt voor begeleiding en methodische ondersteuning van floristen en voor controle en opslag van gegevens in de landelijke floradatbank FLORBASE. De gegevens uit de databank staan, samen met de bijbehorende expertise, ter beschikking voor wetenschappelijke onderzoek en onderzoek ten dienste van de bescherming van flora, vegetatie en milieu. Bij FLORON kunt u terecht voor inventarisaties, monitoring, het ontwerpen van meetnetten en natuurlijk voor gegevensaanvragen en analyses met behulp van FLORBASE-gegevens.
Lange traditieAlhoewel FLORON nog niet zo lang bestaat wordt al langer systematisch gegevens over de wilde flora verzameld en vastgelegd. Al vanaf het begin van deze eeuw wordt er "gehokt" in Nederland. Per uurhok of kilometerhok hielden floristen op streeplijsten bij welke plantensoorten er voorkwamen. Al deze oude gegevens zijn aanwezig bij het Rijksherbarium in Leiden. Ze vormen een belangrijke referentie voor het huidige natuurbeleid en -beheer.
Wilde planten kijken in kreek of op de dijk
De districten D1 en D2 vormen globaal de provincie Groningen. Jaarlijks inventariseren ongeveer 50 vrijwilligers diverse gebieden in de stad en op het platteland op de wilde flora. De gegevens gaan naar de centrale databank in Leiden.
In Groningen is altijd plaats voor nieuwe vrijwilligers. Ben je geinteresseerd in wilde planten en vind je het leuk om ze op naam te brengen dan kun je meedoen. Kennis van de Nederlandse flora is gewenst, maar enthousiasme is belangrijker. Je kunt ook mee met excursies of samen met ervaren floristen inventariseren. Het gaat niet om wat je niet weet maar om dat je opschrijft wat je wel weet. De kennis komt vanzelf.
Naast inventarisaties zijn er lezingen, determinatiecursussen, een nieuwsbrief met wetenswaardigheden (zie ook deze website), groepen die samen op pad gaan en bijzondere excursies naar mooie gebieden. Ook landelijk is er van alles te beleven.
Wil je meer weten, blader dan door deze website of neem contact op met de coördinator van
Groningen-Oost (D1): Anneke Nieuwenhuijs, Kastanjelaan 91, 9674 BC Winschoten tel. 0597 414973,
Groningen-Oost (D2): Willem Stouthamer, Meidoornlaan 43, 9756 BN Glimmen,
Floron bestaat sinds 1989. Sindsdien zijn in Groningen vele honderdduizenden waarnemingen gedaan en door het hele land miljoenen - In 2006 is de tien miljoenste waarneming doorgegeven- , die door Floron zijn verwerkt. De verzamelde gegevens vormen niet alleen een moment-opname van de Nederlandse flora. Zij maken het mogelijk de veranderingen daarin te ontdekken. Vele soorten worden steeds zeldzamer en andere lijken zich uit te breiden. De gegevens zijn van belang voor het beheer en de bescherming van planten. Klik op www.floron.nl voor meer informatie.
- NIEUWSBRIEVEN GRONINGEN
- Nieuwsbrief 08 2001 (pdf) (html)
- Nieuwsbrief 09 2002 (pdf) (html)
- Nieuwsbrief 10 2003 (pdf) (html)
- Nieuwsbrief 11 2004 (pdf) (html)
- Nieuwsbrief 12 2005 (pdf) (html)
- Nieuwsbrief 13 2006 (pdf) (html)
- Nieuwsbrief 14 2007 (pdf) (html)
- Nieuwsbrief 14 2007 (pdf) (html)
- Nieuwsbrief 15 2008 (pdf) (html)
- Nieuwsbrief 16 2009 (pdf) (html)
CCFV Contactblad 'De Spurrie'
| Maand | Nummer | Size |
Augustus 2007 |
Nr. 009 | 362 kB |
Januari 2007 |
Nr. 008 | 362 kB |
September 2006 |
Nr. 007 | 343 kB |
Januari 2006 |
Nr. 006 | 934 kB |
Augustus 2005 |
Nr. 005 | 356 kB |
Januari 2005 |
Nr. 004 | 497 kB |
Augustus 2004 |
Nr. 003 | 912 kB |
Januari 2004 |
Nr. 002 | 1.116 kB |
Juli 2003 |
Nr. 001 | 149 kB |
Plantengeografisch District
Een Floradistrict, ook wel Plantengeografisch District is een door botanici in Nederland onderscheiden district met een duidelijk herkenbare samenstelling van plantensoorten, die aan dat district gebonden is. Nederland is volgens de huidige indeling verdeeld in 15 floradistricten. Op grond van de onderlinge overeenkomsten tussen de verspreidingspatronen van de verschillende plantensoorten werden al omstreeks 1930 door de Nederlandse bioloog J.L.van Soest floradistricten onderscheiden. In de jaren 70 en 80 van de vorige eeuw werd de indeling verder geperfectioneerd. In 1996 zijn nogmaals twee floradistricten toegevoegd, namelijk het Urbaan district en het floradistrict IJsselmeerpolders.
De FLORON-districten Groningen D1 en D2 liggen in slechts twee floradistricten: Het Haf (H), en het Drents (Dr) district (Van der Meijden 1996). Verder is slechts beperkt het Urbane gebied van Groningen aanwezig die locaal bij de Floristen wel de nodige aandacht heeft gekregen. Het Haf district geeft het gedeelte van Nederland weer wat globaal ongeveer onder de zeespiegel is. Het ligt in het Noorden van zowel D1 (Groningen-Oost)als D2 (Groningen-West). Het Hafdistrict omvat naast zeeklei(N) gebieden ook de laagveenstreken (L) en in Zuid Nederland Estuaria (E). Alleen in Zuid Holland/Zeeland zijn overeenkomsten tussen deze gronden, in Groningen is duidelijk verschil en is slechts sprake van een Zeekleigebied. Het verschil is vooral in negatieve zin, omdat in dit Plantengeografisch District vaak maar weinig plantensoorten groeien. Voorbeelden zijn het Doornzaad, Veldgerst en een kleine klaver. In het Zuiden begint het Drents district. Dit district kent een grotere diversiteit aan planten.
Kortgezegd bestaan de regio's Oldambt, Fivelingo, Hogeland en Middag-Humsterland uit zware zeeklei en lichte zavel. De regio's Westerwolde, Veenkolonien en Gorecht bestaan uit zand. De regio's Lageland en Zuidelijk Westerkwartier (ZWK), tot slot, bestaan uit de overgang van het hoger gelegen zand in het zuiden naar het lager gelegen klei in het noorden. Hier heeft veel laagveenvorming plaats gevonden. In met name het ZWK bestaat op korte afstand veel variatie in hoog-laag en zand-veen-klei. In combinatie met de bodemsamenstelling verklaren milieufactoren als stroming, zout, zuurgraad en voedselrijkdom het voorkomen en de verspreiding van libellensoorten.
De Regio's van Groningen In Gorecht en Westerwolde stromen vanuit Drenthe de beken Drentse Aa, en Ruiten Aa Groningen binnen. Langs beide beken komen grote populaties voor van de Weidebeekjuffer en Blauwe Breedscheenjuffer. De bouw van rioolzuiveringsinstallaties, de aankoop van gronden in de beekdalen en een gewijzigd beheer hebben op beide soorten een positieve invloed. Er is een duidelijk verschil merkbaar met twintig jaar geleden toen ze beperkt waren tot de 'mooie' delen van het beekdal. Tot boven de stad Groningen plant de Weidebeekjuffer zich nu voort, terwijl hier in het Reitdiep toch al een zoutwater invloed merkbaar is. Tot de afsluiting van de Lauwersmeer in 1969 was via het Reitdiep vrije scheepvaart mogelijk vanuit de stad naar de Waddenzee. Veertig jaar later is de invloed van brak water nog altijd aanwezig.
In het laagveengebied van het Lageland stroomt de Slochter Ae. Nabij Woudbloem is deze omgeleid en gekanaliseerd. In het afgesloten deel kwam nog Krabbenscheer voor. Door afwezigheid van stroming en scheepvaart heeft de plant zich kunnen vermenigvuldigen. In deze laagveengebieden komen naast Groot Blaasjeskruid, Kransaarvederkruid en Krabbescheer ook Vroege glazenmaker, Glassnijder en Gevlekte witsnuitlibel voor. Afhankelijk van de mate en samenstelling van het kwelwater kan een zeer gevarieerde libellenfauna aanwezig zijn. Een goed voorbeeld hiervan is de Baggerputten bij Slochteren.
In de dekzandafzettingen van het Zuidelijk Westerkwartier en in Appelbergen, Smeerling en Sellingen zijn direct na de ijstijd vele laagtes uitgestoven. Hierin heeft zich eerst laagveen en later hoogveen gevormd. Vanaf 1700 is dit hoogveen stelselmatig ontgonnen. Afgezien van enkele plaatselijke restanten is van het hoogveen niets meer over. Wat resteert zijn dobben met een voedselarme waterkwaliteit. In de geisoleerde watertjes met veenmos komt onder zure omstandigheden de Venglazenmaker, Koraaljuffer en Venwitsnuitlibel voor.
In het noordelijk kleigebied komen de gebruikelijke soorten voor als
Fijn Hoornblad, Muizenstaartje en Paarse Morgenster. Toch kunnen
hier ook onverwachts populaties voorkomen van de Grote Ratelaar.
Door opspuiten van zand in het Eemshavengebied is hier een apart
milieu ontstaan dat afwijkt van het omgevende kleigebied. Op dezelfde manier
wijkt ook het Lauwersmeer af met soorten als Honingorchis, Lepelblad, Draadklaver en Goudknopje. Alleen is dit op een natuurlijke wijze ontstaan
door opslibbing en afzetting van zand.
Bas vd W
Eerder verschenen in de landelijke libellennieuwsbrief 2007