NIEUWSBRIEF nr. 11
GRONINGEN
februari 2004 oplage 100 exemplaren
Redactie en samenstelling
Willem Stouthamer
District 1 Groningen-oost
Anneke Nieuwenhuijs, Kastanjelaan 91, 9674 BC Winschoten tel. 0597 414973
District 2 Groningen-west
Willem Stouthamer, Meidoornlaan 43, 9756 BN Glimmen tel. 050 3143841, E-mail: stouthamer.wj@inter.nl.net
De kaartjes zijn gemaakt met FLOR (De Roode Electronics, Zoelen), de gegevens zijn afkomstig van het landelijk bureau FLORON en de plaatjes komen uit Heukels' Flora, tenzij anders vermeld.
INHOUD
AAN DE SLAG IN 2004
Excursieprogramma FLORON Groningen
District 1 Groningen-oost
Zaterdag 19 juni
Laudermarke. Een nog niet goed onderzocht stukje in het zuiden van Westerwolde, landbouwgebied. Verzamelen 9.30 uur op de parkeerplaats bij het Klooster van Ter Apel
Zaterdag 7 augustus
Veelerveen. Bouwlandgebied met veel wijken. Verzamelen 9.30 uur station Winschoten
District 2 Groningen-west
Zaterdag 3 juli
Humsterland bij Oldenhove. Zeer oud zeeklei 'eiland'. Verzamelen station Zuidhorn 9.30 uur
Zaterdag 10 juli
Roodeschool en de Eemshaven.
Verzamelen station Roodeschool 9.30 uur
Zaterdag 14 augustus
Even ten noorden van Grijpskerk wordt aardgas ondergronds opgeslagen; veel is er daardoor bovengronds veranderd.
Verzamelen station Grijpskerk 9.30 uur
Meerdaagse inventarisatiekampen FLORON
In het voorjaarsnummer van Gorteria zal meer informatie staan, zie ook www.floron.nl
Wij geven nu alvast alle datums, opdat u deze weekenden al kunt reserveren:
4- 6 juni Zeeland IV (Tholen)
6- 8 aug. Noord Holland, Wieringen
26-29 aug. Zuid Limburg, Noorbeek II

Streeplijsten (Wetenschappelijke of Nederlandse versie)
Rode lijst formulieren
Waarnemingskaartjes (zie ook www.floron.nl)
Losse waarnemingsformulieren
JAARVERSLAGEN 2003
Er is weer heel wat werk verzet en de resultaten zijn er naar:
Totaal lijsten 70
Rode lijstformulieren 48
Losse waarnemingenformulieren 6
GPS formulieren 3
meldingskaartjes 5
Hiervan zijn 20 T-lijsten ingevuld tijdens het weekend van 15-17 augustus in Winschoten, 12 zijn afkomstig van de Vrijdag-seniorengroep van D2 en 3 van de Plantenwerkgroep van de KNNV Veendam e.o.
Bij elkaar leverde dit 9933 waarnemingen op. Arnout-Jan Rossenaar vulde voor de Provincie Groningen in D1 negen T-lijsten in met 998 waarnemingen. Als die worden meegeteld zijn er in totaal 10931 waarnemingen verzameld.
Het belangrijkste evenement van het jaar was het weekend van 15-17 augustus in Winschoten. Een verslag hiervan staat elders in deze nieuwsbrief.
Er werden in D1 twee dagexcursies gehouden met respectievelijk 4 en 8 deelnemers. Een verslag van de excursies staat ook elders in dit nummer.
Voor het bedreigde soortenproject kwamen 2 formulieren binnen nl. over Spaanse ruiter (Cirsium dissectum) bij Sellingen.
Wat betreft het Witte gebiedenplan zijn nu in bijna alle uurhokken in D1 tenminste 6 km-hokken onderzocht. Alleen in 2 halve uur-hokken aan de grens kunnen nog wat hokken gedaan worden. Wel ziet het verspreidingskaartje van alle km-hokken in D1 waar tenminste 100 soorten zijn gevonden, er nog wat plekkerig uit - veel wit tussen het zwart - er zijn dus nog steeds hokken genoeg te onderzoeken.
Tenslotte bedank ik iedereen voor alle tijd en moeite die hij/zij aan Floron heeft besteed en ik hoop dat iedereen in 2004 weer meedoet.
Anneke Nieuwenhuijs
Streeplijsten 65
Rode Lijst formulieren 88
Waarnemingskaartjes 30
Losse waarnemingsformulieren 27
Alles bij elkaar opgeteld, rekeninghoudend met Rode Lijst dubbeltellingen, levert dit een totaal van 9035 waarnemingen. Ter vergelijking: 2002 9570, 2001 7658 en 2000 9499.
De Plantenwerkgroep van de KNNV Groningen neemt hiervan 23 lijsten met 3457 soorten voor zijn rekening en de Vrijdag-Seniorengroep zijn actief geweest in D1.
Opgemerkt wordt dat in dit totaal niet de resultaten zijn verwerkt van Bart Vreeken en Arnout-Jan Rossenaar, die voor de provincie Groningen hebben gewerkt.
Het bedreigde soortenplan 2003 (voor D2 alleen Spaanse ruiter) leverde geen enkele melding op.
Iedere waarnemer/streper/florist bedankt voor de inspanning. In het Gronings: 't Kon minder
Willem Stouthamer
EXCURSIEVERSLAGEN 2003
District 1 Groningen-oost
Zaterdag 7 juni
Deze excursie ging naar uurhok 250X580 tussen Schildwolde en Noordbroek, waarin nog maar 3 km-hokken waren onderzocht, met de bedoeling het aantal onderzochte hokken op 6 te brengen. Helaas, er waren slechts 2 personen op de afgesproken plaats aanwezig, maar gelukkig kwamen we onderweg naar onze hokken nog een auto met 2 deelnemers tegen.
Johanna Berghuis en Willem Stouthamer namen hok 251X584, de bebouwde kom van Hellum, voor hun rekening. Er werd maar een deel van het hok bekeken, maar dat leverde 190 soorten op, waaronder 7 A-soorten, nl. Egelboterbloem, Hemelsleutel, Grote kattenstaart, Kikkerbeet, Waterviolier, Grote wederik en Zwanenbloem. Ook het vermelden waard zijn nog: Zeegroene muur, Grote ratelaar, Platte rus en Ruige klaproos.
Klaas Steenbergen en Anneke Nieuwenhuijs bekeken hok 250X580, een hok met maar één weg, een klein stukje bos, wat sloten en verder bouwland. Het bleek nog 8 A-soorten op te leveren nl. Daslook, Holpijp, Echte koekoeksbloem, Grote wederik, Grote katten-staart, Egelboterbloem, Pijlkruid en Hemelsleutel. Andere leuke soorten waren Weidehavikskruid en Grote ratelaar. Er waren ruim 180 soorten aange-streept, het juiste aantal weet ik niet meer omdat ik bij een bezoek in september het aantal nog op 193 heb gebracht en het vorige aantal heb uitgegumd.
Ondanks aanzienlijke vertraging (Klaas en Anneke) troffen we elkaar na afloop bij het afgesproken café en konden daar nog wat ervaringen uitwisselen. Het derde hok is later nog gedaan, zodat in dit uurhok nu toch 6 km-hokken zijn onderzocht.
Zaterdag 19 juli
Ook deze excursie was bedoeld om een 'Wit gebied' op te vullen. In het uurhok 255X585 waren nog maar 3 km-hokken onderzocht.
Annie Vos, Willem Stouthamer en Jaap Tonkes deden hok 255X589, een landbouwgebied met een kanaal er door. Er werden 180 soorten gevonden, waaronder 7 A-soorten nl. Gele plomp, Holpijp, Grote kattenstaart, Kikkerbeet, Pijlkruid, Waterviolier en Grote wederik. Vermeldenswaard zijn Stomp kweldergras, Oot en Slanke waterweegbree.
Hok 257X589 werd bekeken door Willy Riemsma en Bonny van der Werf. Ook landbouwgebied met een maar. Hier werden 177 soorten aangestreept met als A-soorten Dotterbloem, Hulst, Grote kattenstaart, Kikkerbeet, Pijlkruid, Grote wederik en Zwanenbloem en als vermeldenswaardige soorten Akkerereprijs, Weidehavikskruid en Stomp kweldergras.
Het derde hok had volgens het Witte Gebieden Plan eigenlijk 259X588 moeten zijn, maar omdat dat vrijwel ontoegankelijk was, werd het hok er naast 258X588 onderzocht. Weer zo'n akkergebied met een weg er door en wat sloten. Resultaat 160 soorten, waaronder 3 A-soorten: Zwanenbloem, Kikkerbeet en Waternavel en als vermeldenswaardige soorten Watergras, Akkerhoornbloem, Platte rus, Akkerereprijs en Stomp kweldergras. Allemaal gevonden door Johanna Berghuis, Leon Luyten en Anneke Nieuwenhuijs.
De excursie werd besloten in wat langzamerhand ons stamcafé begint te worden, het café aan het Termunterzijldiep in Nieuwolda.
Anneke Nieuwenhuijs
In het kader van het Witte Gebiedenplan van FLORON, dat plan loopt tot en met 2004, zijn er zo veel mogelijk km-hokken geïnventariseerd.
Grijpskerk, 21 juni
Maar liefst 4 km-hokken zijn aangepakt: 216X585 Gaarkeuken (175), 216X586 Grijpskerk (186), 217X583 Oosterzand (141) en 218X587 Niezijl (82). Van het laatste hok is slechts een klein deel bekeken; een later bezoek heeft het totaal aantal soorten op 146 gebracht. Een blik op de kaart leert dat het Van Starkenborgh kanaal dwars door het gebied loopt met aan weerszijde polders en in het noorden en zuiden wordt geflankeerd door zandruggen. De weerslag van het polderlandschap vinden terug in de soorten, zoals Holpijp, Kikkerbeet, Pijlkruid, Krabbenscheer, Zwanenbloem, Moerasspirea en Gele plomp. In een slootwal achter een loopstal staat Dauwnetel. In Gaarkeuken bij het sluizencomplex groeit Kamgras en in Niezijl in een brempje bijna onbereikbaar voor het maaibeheer Veldgerst.
Uithuizermeeden, 5 juli
Bijna dacht ik de klus in mijn eentje te moeten klaren; gelukkig arriveert er op de valreep een flinke delegatie van de KNNV Veendam! In Uithuizermeeden zijn 2 km-hokken geïnventariseerd, welke diagonaal ten opzichte van elkaar liggen. In het km-hok 243X603 zuid/west (165) treffen Anneke Nieuwenhuijs en Jaap Tonkes als bijzonder Weidehavikskruid, Fijn hoornblad en Paarse morgenster aan. En in het km-hok 244X604 noord/oost (183) groeit op een volkstuincomplex Rood guichelheil, zoals bekend op de Groninger klei. Een fraaie berm, oostelijk van de Lagelandsterweg van Uithuizermeeden naar Hefswal is goed voor een flink aantal soorten.
Noordpolderzijl, 2 augustus
De km-hokken liggen op de rand van de provincie Groningen; enerzijds akkers in de polders, anderzijds het Wad, gescheiden door een forse zeedijk op deltahoogte. De onderzochte km-hokken zijn 235X606 (107), 236X606 (95), 236X607 (81) en 237X607 (118). Op het Wad, flink verruigd met Strandkweek, groeit op enigszins open plekken Zeealsum, Zeeweegbree, relatief veel Zulte en weinig Lamsoor. In de strook tussen het Wad (brede sloot) en de dijk stellen we Veldgerst vast (via herbariummateriaal is de soort extra bevestigd)! Op de landzijde van de dijk valt Knopig doornzaad op door de iets lichter groene kleur. In de strook langs de sloot aan de binnenzijde van de zeedijk staat overal Kamgras.
Deelnemers aan de excursies D2 zijn Siny Becker, Johanna Berghuis, Edwin Dijkhuis, Jennie Hendriks, Anneke Nieuwenhuijs, Willy Riemsma, Gerben Snoek, Willem Stouthamer, Jaap Tonkes, en Annie Vos.
Willem Stouthamer
Het inventarisatieweekend 15-17 augustus in Winschoten werd georganiseerd met de bedoeling meer te weten te komen van de planten op de Dollardkwelders, waarvan bij Floron weinig bekend is, en verder een aantal hokken in de Dollardpolders te onderzoeken.
We hadden onderdak in de manege in Winschoten. Er waren wat veel muggen en de douche was moeilijk bereikbaar, maar daar stond tegenover dat we er konden eten en dat we een eigen zaal tot onze beschikking hadden om te zitten. In totaal waren er 18 deelnemers. Als voorproefje, en om te laten zien dat Groningen niet alleen uit kleipolders bestaat, werden vrijdagmiddag onder leiding van Roel Douwes het Lieftinghsbroek bij Weende en het Eemboerveld tussen Harpel en Vlagwedde bezocht. Het Lieftinghsbroek is een oud loofbos op de zandrug van Westerwolde. Een deel is meestal te drassig om er door te lopen, maar door de langdurige droogte waren laarzen nu eigenlijk niet nodig. Opvallend waren de vele soorten zegge's: Sterzegge (Carex echinata), Stijve zegge (C. elata), Elzenzegge (C. elongata), Blauwe zegge (C. panicea), IJle zegge (C. remota), Blaaszegge (C. vesicaria), Oeverzegge (C. riparia) en Moeraszegge (C. acuti-formis). Verder stonden er hoge Adelaarsvaren (Pteridium aquilinum) en op een graslandje Gevlekte orchis (Dactylorhiza maculata). Op het heringerichte terrein er naast vonden we Dubbelloof (Blechnum spicant) en langs een pad Boslathyrus (Lathyrus sylvestris), waarvan we dachten dat het er niet vanzelf gekomen is.
Op het Eemboerveld, een voormalig landbouwgebied, dat door herstel van het vroegere reliëf in een natuurgebied is herschapen, troffen we o.a. Kleine zonnedauw (Drosera intermedia), Stekelbrem (Genista anglica), Borstelbies (Isolepis setacea), Moeras-wolfsklauw, (Lycopodiella inundata ), Pilvaren (Pilularia globulifera) en Schildereprijs (Veronica scutellata) aan. Helaas, niet de Dennenwolfsklauw (Huperzia selago), die hier twee jaar geleden was gevonden, hetgeen niet wil zeggen dat hij er niet meer staat: het is in het begin maar een heel klein plantje dat heel langzaam groeit.
De volgende dag begon het eigenlijke werk. Omdat er op de kwelder stieren liepen, mocht van het Groninger Landschap, dat het natuurgebied van de kwelder beheert, maar één groepje van niet meer dan 3 mensen onder toezicht van de terreinopzichter de kwelder op, op percelen waar geen stieren liepen. Ze leverden 5 streeplijsten in met per lijst 13 tot 20 soorten. Op iedere lijst Zulte (Aster tripolium) en Zeeweegbree (Plantago maritima) en verder kweldersoorten als Stomp- en Gewoon kweldergras (Puccinellia distans en P. maritima), Strandkweek (Elytrigia maritima), Schorrenkruid (Suaeda maritima) en Engels slijkgras (Spartina anglica).
De andere hokken waren bijna allemaal polderhokken: kleiakkers, waar je het voor de planten moet hebben van sloten, bermen en dijken en waar het soms moeite kost 100 soorten in een hok te vinden. Het aantal soorten op de lijsten varieerde van 86 tot 175, maar dat laatste was dan ook de bebouwde kom van Termunten. Van de RL-soorten werden gevonden: Donzige klit (Arctium tomentosum), Veldgerst (Hordeum secalinum), Kamgras (Cynosurus cristatus), Fraai duizendguldenkruid (Centaurium pulchellum), Akkerandoorn (Stachys arvensis) en Knopig doornzaad (Torilis nodosa). Laatst genoemde soort was vóór het op Delta-hoogte brengen van de Dollarddijk daar wel gevonden, maar daarna was er nooit meer naar gekeken. Het werd nu in één hok aangetroffen, maar ik begrijp nu dat er veel vroeger in het jaar naar gezocht moet worden, voordat de schapen het hebben afgevreten. De dijk zal dus in het voorjaar van 2004 nog eens worden onderzocht. Van de A-soorten zijn Brede wespenorchis (Epipactis helleborine), Dubbelkelk (Picris echioides) en Goudknopje (Cotula coronopifolia) het vermelden waard. Andere bijzondere soorten waren: Gladde ereprijs (Veronica polita), Lemna turionifera, Dwergkroos (Lemna minuta), Gewone zoutmelde (Atriplex portulacoides) en Brede waterpest (Elodea canadensis).
Het resultaat van het weekend (de vrijdagexcursie meegerekend): 20 streeplijsten met 1901 waarnemingen. De deelnemers hebben een indruk gekregen van de wijdheid en de ruimte van het landschap van Dollard en Dollardpolders en dankzij hun inspanning en enthousiasme is er weer een flinke bijdrage geleverd aan onze kennis van de planten van het gebied.
Anneke Nieuwenhuijs

Veldwarkruid (Cuscuta campestris)
Uit: Excursionsflora Band 3, Werner Rothmaler
BIJZONDERE WAARNEMINGEN 2003
(voor zover niet eerder vermeld)
(Nieuw voor D1 betekend: niet in Florbase 2G)
Bezemkruiskruid (Senesio inaequidens), 256X569 Veendam, 256X573 Meeden, 257X577 tussen Zuidbroek en Scheemda, 263X576 Scheemdermeer, opg. BO, 272X554 en 272X555 Sellingen, opg. WS
Bittere veldkers (Cardamine amara), 264X559 Pagediep, opg. ML
Doffe ereprijs (Veronica opaca)
254X579 Noordbroek berm bij erfingang, opg. AN. Nieuw voor D1
Doornappel (Datura stramonium)
262X571 braakland bij Oude Pekela, opg. JT, 275X569 Bellingwolde, opg. BO
Dunstaart (Parapholis strigosa)
259X581 Wagenborgen op land waar ook andere zoutplanten staan, opgebrachte grond?? Nieuw voor D1, opg. JB, KS
Dwergkroos (Lemna minuta), 260X584 Nieuwolda, opg. JB, 263X574 Winschoten en 265X580 Oostwold, opg. AN, in beschaduwde sloten
Gewone veldsla (Valerianella locusta)
252X580 en 254X579 Noordbroek, opg. AN, 257X591 Weiwerd, opg. WS
Groene naaldaar (Setaria viridis)
248X589 Overschild en 253X586 Siddeburen, opg. JH
Groot streepzaad (Crepis biennis)
262X558 bij Stadskanaal, opg. ML
Grote engelwortel (Anegelica archangelica)
259X592 Weiwerd, opg. JH
Oostelijk kruiskruid (Senecio vernalis)
277X560 Bakovenkade, opg. BO
Papegaaienkruid (Amaranthus retroflexus), 266X583 Oudezijl, opg. JB en 273X583 Kostverloren, opg. AV
Postelein (Portulaca oleracea)
253X586 Siddeburen, opg. JH, 254X568/569 Veendam tussen straatstenen, opg. WR, 265X573 Winschoten tussen stoeptegels, opg. AN. Nieuw voor D1
Rood guichelheil (Anagallis arvensis arv.)
259X592 Weiwerd, opg. JH
Rosse vossenstaart (Alopecurus aequalis)
260X573 sloot bij Westerlee, opg. JT
Veldwarkruid (Cuscuta campestris)
In de tuin van Leon Luyten, Barlagerveldweg 5, Vlagtwedde op Malva en Daucus carota
Watermuur (Stellaria aquatica), 251X579 Stootshorn op kalkhoop, opg. AN, 257X589 Meedhuizen, opg. WR en 257X591 Weiwerd, opg. WS
Zegekruid (Nicandra physalodes)
254X579 Noordbroek, opg. AN, 262X559 Veenhuizerstukken, opg. ML en 254X567 Wildervank, opg. BO
Zomerfijnstraal (Erigeron annuus), 265X580 Oostwold berm oprit naar kerkhof (1 plant), opg. AN
En verder:
Groot blaasjeskruid (Utricularia vulgaris) 16X Koningsvaren (Osmunda regalis) 2X
Straatliefdegras (Eragrostis pilosa) 8X
Veenpluis (Eriophorum angustifolium) 4X
Watergras (Catabrosa aquatica) 6X
District 02 van Rottumeroog tot Allardsoog
Aardbeiklaver (Trifolium fragiferum), voet zeedijk Wad zijde, 236X607 opg. ED en 239X608, opg. WS
Alsemambrosia (Ambrosia artemisiifolia)
2e vondst district 2 (vorig jaar in Vinkhuizen) en Zulte (Aster tripolium), 233X581 Groningen Lissabonstraat braakliggend terrein, opg. PB
Behaarde boterbloem (Ranunculus sardous), 235X580 Groningen rangeerterrein Verl. Lodewijkstraat, opg. PB. Bewijs: herbarium-materiaal en video-opnamen
Dicht havikskruid (Hieracium vulgatum)
234X580 Groningen oeverzone Helperdiep, opg. PB
Doornappel (Datura stramonium) nieuw voor district 2, 247X607 aardappelakker nabij molen Goliath, opg. WS
Gele maskerbloem (Mimulus guttatus)
nieuw voor district 2, maar reeds bekend van het naastgelegen Friese district, 211X573 bovenkant slootwal, opg. AK en telefonisch gemeld
Grote zandkool (Diplotaxis tenuifolia)
233X563 parkeerplaats t/o Hortus Haren, opg. PB
Heggendoornzaad (Torilis japonica), komt in district 2 verspreidt voor: 237X607 bosje Harderhoes en 247X601 Kolhol opzij grote boerderij, opg. WS
Hertshoornweegbree (Plantago coroponus)
232X580 Groningen voorm. veilingterrein Peizerweg; pekeladventief? opg. ED
Knoopkruid (Centaurea jacea), ruderaal gedeelte aan de voet van oude zeedijk, 238X606 opg. WS
Koningsvaren (Osmunda regalis) BESCHERMD 211X574, opg. AK
Moerasvaren (Thelypteris palustris)
237X581 natuurontwikkeling Hunze gemeente Groningen onder in slootwal, opg. Stella Boele-Bos
Pluimgierst (Panicum miliaceum), 234X580 Groningen Hereweg t/o voorm. Fongersfabriek, opg. PB
Straatliefdegras (Eragrostis pilosa)
231X583, 232X584 en 233X583, opg. ED
Stijf havikskruid (Hieracium laevigatum)
232X581 Groningen trottoirs Lissabonstraat en directe omgeving, opg. PB
Witte amarant (Amaranthus albus)
234X581 Groningen parkeerplaats spoorviadukt Hereweg, opg. PB
Zeegroene zegge (Carex flacca), 234X580 Groningen t/o Sterrebos open plek in bosje (leem opduiking), opg. PB. Extra laten determineren ivm. de vindplaats door René van Moorsel (Floron)
Zwenkdravik (Anisantha tectorum),
233X580 Groningen parkeerplaats Davidstraat (reinigende hand vd gemeente heeft deze plek dit jaar niet bereikt, zodat dit fraaie eenjarige gras zaad heeft kunnen zetten), opg. PB
RODE LIJSTSOORTEN 2003
(ingeleverde formulieren)
Lavendelheide (Andromeda polifolia), 272X555 Sellingerbos oeverzone bosmeertje, opg. WS
Donzige klit (Arctium tomentosum)
254X579 Noordbroek onbebouwd terrein, 256X581 Noordbroeksterhamrik rommelig erf, 265X581 Oostwold bermen/bosrand, 265X582 Oostwold Langeweg berm, 268X584 Lipskerweg erf van onbewoonde boerderij, 271X584 CC-polder bermen, 274/275X584 rand Boezemkanaal, opg. AN
272X576 Ulsda spoortalud, opg. GW, 273X582 Kostverloren Finsterwolderhamrik berm, opg. AV, 274X575 Hamsterweg berm, 274X576 Boonenschans berm/ruige hoek akker, opg. WS
Dubbelloof (Blechnum spicant)
259X563 Nieuwe Pekela kanaaltalud, opg. BO
Korenbloem (Centaurea cyanus)
277X560 Bourtange in perceel gerst, opg. BO
Brede orchis (Dactylorhiza majalis subsp. majalis), 246X574 Hoogezand en 252X568 Borgerswold, beide afgeplagde vochtige zandgrond, opg. BO
Brede-/Rietorchis (Dactylorhiza majalis)
262X558 Pagediep Broeklanden en 264X559 Pagediep talud, opg. ML
Steenanjer (Dianthus deltoides), 277X560 Bourtange extensief begraasd grasland, opg. BO
Eenarig wollegras (Eriophorum vaginatum)
260X558 Veenhuizerstukken veengrond, opg. ML
Stijve ogentroost (Euphrasia stricta)
251X568/569 Borgerswold vochtige zandgrond, 259X560 Stadskanaal sloottalud, 259X566 Nieuwe Pekela Heeresveld langs vochtig bospad, 263X556 Stadskanaal Vledderbos langs bospaden, 264X553 Stadskanaal vochtige berm langs kanaal, opg. BO
Dwergviltkruid (Filago minima)
272X555 Grevendeelen uitgegraven plek, opg. WS
Stekelbrem (Genista anglica), 273X554 Rijsdam natuurgebied langs Ruiten Aa, opg. WS
Kruipbrem (Genista pilosa), 272/273X554 Rijsdam natuurgebied langs Ruiten Aa, opg. WS
Verfbrem (Genista tinctoria), 277X560 Bourtange extensief begraasd grasland, opg. BO
Bosdroogbloem (Gnaphalium sylvaticum)
259X566 Nieuwe Pekela Heeresveld langs vochtig zandpad, 271X566 en 272X567 Vriescheloërbos langs bospad, 277X560 Bourtange Bakovenskade extensief begraasd grasland, opg. BO
Moeraswolfsklauw (Lycopodiella inundata)
242X574 zandstrand Zuidlaardermeer, opg. WS, 252.2X568.2/568.3 Borgerswold-Veendam afgeplagd slootkant, opg. AV, 263X577/578 Midwolda vochtige open zandgrond bij plas, opg. BO
Borstelgras (Nardus stricta)
277X560 Bourtange talud Bakovenskade, opg. BO
Veenbes (Oxycoccus palustris) 272X555 Sellingerbos oeverrand ven, opg. WS
Ongelijkbladig fonteinkruid (Potamogeton gramineus), 253X586 Siddeburen sloot tussen bosje en akker, opg. JH

Uit: Ned. breedbladige fonteinkruiden
D.T.E. van der Ploeg, KNNV WM 195
Stompfonteinkruid (Potamogeton obtusifolius) 259X560 Stadskanaal Dwarsdiep heldere veenwijk en 259X561/563 Nieuwe Pekela, heldere veenwijken, opg. BO
Akkerandoorn (Stachys arvensis)
249X584 Schildwolde smalle berm langs zandpad bij groententuinen, opg. JH
Rode lijstsoorten op GPS formulieren
Donzige klit (Arctium tomentosum)
271X582 Hongerige wolf, opg. ED en 272X584 Carel Coenraadpolder, opg. RM
Kamgras (Cynosurus cristatus), 268X586 Carel Conraadpolder en 271X582 Hongerige wolf, opg. ED
Veldgerst (Hordeum secalinum)
268X586 Carel Coenraadpolder, opg. ED
Zeeweegbree (Plantago maritima)
268X586 Carel Coenraadpolder, opg. ED
Akkerandoorn (Stachys arvensis)
272X584 Carel Coenraadpolder, opg. RM
Knopig doornzaad (Torilis nodosa)
268X586 Dollarddijk, opg. ED
Rode lijstsoorten aangestreept op de T-lijsten maar waarvan geen Rode lijstformulieren zijn ingevuld.
Donzige klit (Arctium tomentosum)
259X587, 260X584 en 266X583
Dubbelloof (Blechnum spicant), 271X558
Fraai duizendguldenkruid (Centaurium puchellum), 272X576
Kamgras (Cynosurus cristatus)
259X592, 265/266X591 en 267X586/587
Brede-/Rietorchis (Dactylorhiza majalis), 271X558
Stijve ogentroost (Euphrasia stricta), 270X557
Dwergviltkruid (Filago minima), 262X555
Bosdroogbloem (Gnaphalium sylvaticum) 260X571/572
Veldgerst (Hordeum secalinum), 265X591, 266X591, 267X587 en 272X584
Moeraswolfsklauw (Lycopodiella inundata), 269X560
Pilvaren (Pilularia globulifera), 269X560
Zeeweegbree (Plantago maritima), 271X584/585/586, 272X584, 273X584/585 en 275X584
District 2 van Burum tot Bierum
Kale vrouwenmantel (Alchemilla glabra) RL3, 243X605 op meerdere plekken in dezelfde slootkant, opg. WS
Donzige klit (Arctium tomentosum) RL4
227X584 opg. ED en 227X584, opg. PB
Steenbreekvaren (Asplenium trichones) RL3 BESCHERMD, 234X581 binnenstad Groningen trapgevel Achter de Muur 35, opg. PB
Engels gras (Armeria maritima) RL3
232/233X605, opg. WS
Engels lepelblad (Cochlearia officinalis subsp. anglica) RL3, 232X605, opg. WS
Rapunzelklokje (Campanula rapunculus) RL3 BESCHERMD, 235X580 Groningen braakliggend terrein voorm. Hunze elektriciteitscentrale, opg. PB
Kamgras (Cynosurus cristatus) RL2000, 26 hokken, onbemeste bermen, opg. ED, JH, RD, WS
Rietorchis (Dactylorhiza majalis subsp. praetermissa) RL3 BESCHERMD, 231X593 en 243X605 beide in een slootkant, opg. WS
Wilde kievitsbloem (Fritillaria meleagris) RL2 BESCHERMD, 235X575, opg. WS (op aanwijzing van Leo Stockmann)
Veenreukgras (Hierochloe odorata) RL2000, 228X582 onderin een slootkant, opg. RD
Veldgerst (Hordeum secalinum) RL2000, 9 hokken, opg. ED, WS
Graslathyrus (Lathyrus nissolia) RL4, 237X581 duidelijk ingezaaid; natuurontwikkeling Hunze gemeente Groningen, opg. WS
Groenknolorchis (Liparis loeselii) RL2 BESCHERMD
252X607 vele exemplaren in het rietveld, nieuw voor de Eemshaven, opg. MO
Glad parelzaad (Lithospermum officinale) RL4
242X608 ver buiten haar gebied een groeiplaats van meer dan 2 vierkante meter in de houtsingel rond het gasontvangstation, opg. WS
Zeeweegbree (Plantago maritima) RL2000, 232/233X605 en 237X607 opg. WS, 236X606/607, opg. ED
Kleine ratelaar (Rhinanthus minor) RL3, 243X607 in de bocht slootwal T-kruising Dwarsweg, opg. WS
Snavelruppia (Ruppia maritima) RL3, 236X606, deze soort wordt gevolgd in het LMF-A project, opg. ED
Sierlijke vetmuur [Krielparnassia] (Sagina nodosa) RL3
235X580, opg. PB en 247X607, opg. WS
Zeealsum (Seriphidium maritimum) RL3
227/228X604, 232/233X605, 237X607 en 239X608 opg. WS, 236X606/607 opg. ED
Blauw walstro (Sherardia arvensis) RL3
245X609, 247X607 en 252X608, opg. WS
Knopig doornzaad (Torilis nodosa) RL3
14 hokken landzijde zeedijk, opg. ED en WS
Paarse morgenster (Tragopogon porrifolius) RL3 233X603 berm, opg. WS
Goudhaver (Trisetum flavescens) RL2000
227X585, opg. RD
Eekhoorngras (Vulpia bromoides) RL3
237X580 in 2002, opg. ED
Lijst van PERSONEN 2003
(die waarnemingen hebben verricht)
Voor de naam staat het Floron-waarnemingsnummer (indien bekend bij de redactie) en achter de naam staat een afkorting zoals deze wordt gebruikt in de Nieuwsbrief.
Chris van Houdt (CH)
1251 Anneke Nieuwenhuijs (AN)
2438 Bert Oving (BO)
Gerben Snoek (GS)
Leon Luyten (LL)
Bouke Roelevink (BR)
Mark Leeuwerke (ML)
René van Moorsel (RM)
Wim van der Ven
Jitske Hibma
Bart Vreeken en Arnout-Jan Rossenaar (Floron)
Johanna Berghuis (JB)
2981 Willy Riemsma (WR)
Klaas Steenbergen (KS)
Jaap Tonkes (JT)
2612 Annie Vos (AV)
1113 Piet Glas (PG)
Kees Boele (KB)
Stella Boele-Bos
Akke Kooij (AK)
Elmer Koole
Douwe & Aaltje Kiestra
Ton Ypenberg
Rob Heringa
Jan Wever
Boukje Rynia
Kees van der Sommen
Bert Blok (BB)
Brenda Bolt
Peter Bulk (PB)
Kees Calkhoven
2791 Edwin Dijkhuis (ED)
1619 Roel Douwes (RD)
2040 Vincent Gooskens (VG)
2044 Henk Koopman (HK)
1690 Jennie Hendriks (JH)
1352 Willem Stouthamer (WS)
Marjan van Oosten (MO)
Ton van Laar (TL)
André Hospers
Jan Gerard
Roel Modderman
Geert Reinink
Kor Raangs
Menno Oosterhoff
Wiebe Postma
Jan Erik Plantinga
Verslagen 2003 PlantenWerkGroepen
KNNV Veendam e.o.
Drie kilometerhokken hebben we dit jaar met een klein groepje voor Floron gestreept: twee hokken in de gemeente Veendam: Ommelanderwijk: 256X568 waar we vooral veel planten op het kerkhof signaleerden. We telden 179 soorten;
Zuidwending: 257X568 leverde 158 soorten op die we vooral langs de wielerbaan van de Veendammer 'Stormvogels' aantroffen.
In de gemeente Siddeburen, in kilometerhok 253X583 met akkers, één weg, één sloot en één greppel zijn 173 planten aangestreept.
Verschillende floristen hebben naast de PWG nog enkele km-hokken op persoonlijke titel geïnventari-seerd. Met elkaar komen we gezamenlijk tot ongeveer 10 hokken.
In april zijn we samen met de Plantenwerkgroep van de afdeling Groningen naar Hasbruch in Duitsland geweest. In juli en augustus hebben we samen met de afdeling Groningen in de Millingerwaard gebotaniseerd.
Op 5 zaterdagen hebben we voor Floron Groningen (district 1 en 2) in de provincie meegeholpen om de 'witte gebieden' te minimaliseren. De meeste floristen hebben meegedaan aan het (landelijke) Floronkamp in augustus in Winschoten. Dat leverde in ieder geval weer een Goudknopje op!
Met de Werkgroep Florakartering Drenthe (Floron Drente) zijn we ook op verschillende zaterdagen op pad geweest om bepaalde gebieden van Natuur-monumenten of van het Drents Landschap in Drente te inventariseren.
Annie Vos, PWG-coördinator
Inventarisaties 2003
De plantenwerkgroep groeit en bloeit gelukkig. We hebben daardoor meer km-hokken kunnen doen dan ooit in het kader vh Witte Gebieden Plan van Floron. Deze hokken liggen voor 2003 voornamelijk rond Aduard en Bedum. In totaal zijn er 23 hokken gedaan met 3457 waarnemingen. Een gemiddelde van 150 soorten is zeer acceptabel voor een hok op de klei. De gevonden Rode lijst soorten zijn Veldgerst, Goudhaver, Kamgras (meerdere hokken), Donzige klit en als klapstuk Veenreukgras; allemaal grassen dus en een 'alian' uit oost Groningen.
Tegen het einde van ons seizoen hebben we tbv het waterschap Noorderzijlvest nog enige bruggen en sluizen geïnspecteerd op het voorkomen van muur-vegetatie.
De rapportage over Westerbroek aan Natuur-monumenten tav. inventarisatie van alle planten-soorten en kartering van enkele soorten, uitgevoerd in 2002, heeft inmiddels plaatsgevonden. En ook het rapport van onze inventarisatie Paddepoelsterweg is inmiddels gereed.
Excursies 2003
Direct begin april hebben we de vroege voorjaars-soorten vh oerbos Hasbruch bewonderd. En in de late zomer zijn we maar liefst twee keer op excursie geweest naar het grote rivierengebied even ten noorden van Nijmegen. De eerste keer naar de Pannerdense Kop en op en rond het ford als gast van de krakers. De tweede keer bezochten we, de zoveelste keer in successie ter afsluiting van het inventarisatie-seizoen, de Millingerwaard.
Plannen 2004
In het laatste jaar vh Witte Gebieden Plan staan er weer veel km-hokken even ten noorden vd stad Groningen op het programma. We vervolgen het bruggen en sluizenproject. Verder ligt er een voorstel klaar om mee te doen met het florameetnet vd Werkgroep Florakartering Drenthe. Al met al een ambitieus programma waar wij weer een hoop plezier aan gaan beleven samen.
Willem Stouthamer, PWG-coördinator
Een bijzondere en bedreigde bloem
BENEDENLOOP van de DRENTSCHE AA
Verrassend, dat de eerste berichten over de vindplaats van de Wilde kievitsbloem (Fritillaria meleagris) van twee weidevogelwachters L. Wijnja en Tj. Plantinga zijn gekomen. De coördinator weidevogelbescherming van het Landschapsbeheer Groningen de heer Leo Stockmann heeft de vondst doorgegeven aan de Floron-districtscoördinator.
In 2001 heeft de heer Wijnja de plek aan de Floron-coördinator onthuld in de polder Het Oosterland. Helaas zijn zij er iets te laat in het seizoen geweest, zodat slechts een enkele zaaddoos is gevonden.
De heer Wijnja heeft van de toenmalige eigenaar van het perceel, de heer G. Blom te Onnen, vernomen dat hier altijd Kievitsbloemen hebben gestaan, echter vroeger veel meer. Zijn beweiding van het grasland is steeds met schapen geweest, omdat het er zeer drassig is.
In 2002 is opnieuw geprobeerd de Kievitsbloemen (wettelijk beschermd sinds 1973) terug te vinden, maar in het land liepen toen pony's en de MKZ-crisis verhinderde betreding van het land.
In april 2003 vinden we inderdaad op twee verschillende plekken iets meer dan 20 planten, waarvan de meeste in bloei, alle wit!
Als begeleidende soorten zijn genoteerd: Ruw - en Veldbeemdgras, Beemdlangbloem, Biezenknoppen, Kropaar, Kweek, Rietgras, Veenwortel, Geknikte - en Grote vossenstaart, Ridder - en Veldzuring.
Binnen de Kievitsbloem-assosiatie (Fritillario-Alopecuretum pratensis) valt het toe te wijzen aan de subassosiatie cynosuretosum, dus met de minste inundatie.
Het is evident dat dit een restpopulatie is van de populatie, die in de Levende Natuur van 1898 is beschreven. Plaats, groeiomstandigheden en bloemkleur vormen daarvoor de bewijzen.

Uit: De Wilde Kievitsbloem in Overijssel
NB studie van deze restpopulatie kan gewenst zijn in verband met de kleur van de bloemen. Komt de witte kleur door zelfbestuiving (de lengte van de meeldraden tov. de stamper is in deze populatie verschillend!) en/of door vegetatieve vermeerdering?
HISTORISCH ONDERZOEK
In De Levende Natuur van 1898 (!) staat een berichtje van J. Mulder. Het vermeldt dat langs het Hoornsche diep, aan de oostzijde, juist ten westen van Haren duizenden witte Kievitsbloemen stonden te bloeien. Op een van de stukken land stonden enkele gevlekte vleeskleurige exemplaren en een gevlekte rode plant. Zeer zeldzaam, stond erbij. In datzelfde nummer schrijft de heer Fiet dat de Kievitsbloem te Haren in grote massa wildgroeiend gevonden wordt. Ook daar groeit ze op 's winters overstroomd land en wordt ze door kinderen veel geplukt. Eigenaardig is 't echter dat hier meest lichtgekleurde voorkomen en slechts een enkele keer een donker gestippelde, dus juist het omgekeerde wat te Zwolle het geval is! “Die de kievitsbloemen te Haren wil zoeken, neme de wandeling van Haren naar Paterswolde en bij de brug, die over 't Hoornschediep ligt, vindt hij ze in menigte”. Brug en diep zijn sinds lang verdwenen en vervangen door kanaal en brug.
In een artikel van R. Hofstede c.s. over Het Friesche Veen, alweer uit De Levende Natuur, maar dan van bijna honderd jaar later, van 1991, vermelden de auteurs het vroegere voorkomen van de Kievitsbloem in de polders langs het Friesche Veen, wat zou wijzen op toenmalige (zeer) kalkrijke omstandigheden, veroorzaakt door het opkwellen van diep, mineraalrijk grondwater. Dit diepe grondwater wordt mede omhoog 'gedrukt' door de zuidelijke rand van een potklei-afzetting, die juist aan de noordrand van het Friesche Veen lijkt te liggen. Een schets van deze hydrologische situatie is er bij gegeven. Deze omstandigheden zijn intussen sterk veranderd door verlaging van de grondwaterstanden in de polders ten behoeve van de landbouw. Het peil in de polders is ongeveer 1 meter lager dan in het Friesche Veen en ook daar is water weggepompt door de drinkwatervoorziening 'De Punt' bij Glimmen, wat tot een 5 cm lagere stand heeft geleid en in de polders zelfs kan oplopen tot 25 cm. Nu stroomt het water van het Friesche Veen naar de polders.
De notulen/excursieverslagen (1936) van de KNNV afdeling Groningen vermelden dat de Hoornsedijk een geliefd en jaarlijks terugkerend excursiedoel is, in mei bloeit er steevast een overvloed van Kievitsbloemen.
De bioloog Piet Glas uit Haren weet zich nog te herinneren dat er in de oorlog (1940/45) nog Kievitsbloemen stonden.
In de publicatie 'De Stinseflora van Nederland' (1969) van de heer Hilligers staat: 'Ook vroeger oorspronkelijk uit Groningen bekend (omg. Haren en Paterswolde)'.
Uit deel 4 van de Nederlandse Oecologische Flora blijkt dat zij onder meer bij Groningen als wilde plant is verdwenen.
Ook in de Atlas van de Drentse Flora staat: “Wilde kievitsbloem is een prachtig bolgewasje dat in de lente met purper gevlekte klokjes bloeit. Vanwege haar exotische uiterlijk is lang getwijfeld of ze in Nederland oorspronkelijk inheems is. Haar natuurlijke voorkomen staat nu wel vast (Weeda e.a., 1994). Wilde kievitsbloem is kenmerkend voor een oer-Hollands landschap: vochtige, 's winters vaak onder water staande hooiweiden in boezemlanden en langs rivieren, het meest op klei-op-veengronden. Ze is daar kensoort van de Kievitsbloem-associatie die alleen in Nederland en Noord-Duitsland voorkomt. ........ Vóór 1950 is Wilde kievitsbloem in Drenthe gemeld uit én uurhok (Mennema e.a., 1985). De vindplaatsen in de hokken H7.63, H.7.64 en J7.14 lagen op Gronings
grondgebied, onder meer vlak over de provinciegrens langs het Noord-Willemskanaal tussen Haren en Paterswolde ......... Hier groeiden eind 19de eeuw duizenden exemplaren in vochtig weiland. ........... Toekomst: Wilde kievitsbloem wordt, voorzover ze al wild voorkwam in Drenthe, als uitgestorven beschouwd. Hervestiging is niet waarschijnlijk. Uitbreiding lijkt slechts mogelijk door aanplant in stinsenmilieus”.
In de Leidse collectie van het Rijksherbarium heeft René van Moorsel uitgezocht, dat herbarium-exemplaren van de Wilde kievitsbloem daar aanwezig zijn met als vindplaats nabij Haren de volgende vondsten:
1858 Stratingh
1902 en 1909 R. de Boer en H. Kooi
1906 H. Burger
1933 Buwalda en J. Wasscher
1940 J. van Borssum Waalkens
1953 B.O. van Zanten

BESCHERMING EN BEHEER
In het verleden zijn kievitsbloemhooilanden verdwenen door bedijking van beekdalsystemen, intensivering van de landbouw, ontzanding en bebouwing. Een goede bescherming van Wilde kievitsbloem vraagt allereerst om het behoud van de groeiplaats. Dit kan door het aankopen van geschikte percelen of het afsluiten van een beheersovereenkomst. Duurzaam behoud is alleen mogelijk door samenwerking van terreinbeherende organisaties (Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer, Landschapsbeheer), de overheid (Provincies, gemeente Haren, waterschap) en de particuliere grondeigenaar.
Kievitsbloembeheer is gericht op maaien in de juiste periode, afvoer van voedingsstoffen en een korte vegetatie aan het begin van het voorjaar. Het optimale beheer voor de Wilde kievitsbloem is een hooiland-beheer. Het maaien en afvoeren moet plaatsvinden in de periode van 15 juni tot 15 juli. Een tweede maaibeurt vindt plaats aan het einde van de zomer. Te vroeg maaien of beweiden (vóór 15 juni) heeft grote gevolgen voor Kievitsbloemen. Er vindt dan geen verjonging plaats, omdat afgemaaide, afgevreten of vertrapte bloemen geen zaden vormen. Bovendien kan de plant niet genoeg reservevoedsel opslaan, waardoor gedurende een aantal jaren geen nieuwe bloem wordt gevormd. Een verkeerd beheer heeft daardoor vergaande consequenties voor de daaropvolgende jaren.
Naar verluid is het weiland waar de planten staan van een boer. Als de boer het land ooit verkoopt heeft Staatsbosbeheer de eerste rechten. Er zijn plannen om een dijkje op het naastliggende land van Natuur-monumenten te leggen, waardoor de waterspiegel daar verhoogd kan worden. Te hopen valt dat bij de herziening rekening wordt gehouden met deze unieke plek. Die mag niet verloren gaan. Natuurmonumenten is in elk geval op de hoogte van het bestaan van de populatie Kievitsbloemen. Als de reconstructie vakkundig geschiedt worden wellicht de woorden over hervestiging in de benedenloop van de Drentsche (Oude) Aa ooit gelogenstraft.
Nelis van der Cingel / Willem Stouthamer
Bronnen:
Het determineren van klitten (Arctium sp.) aan grondbladen.
Op de streeplijsten van D1 van 2003 was 4X de Grote klit (Arctium lappa) aangestreept, en aangezien ik in de ruim 20 jaar, dat ik in Oost-Groningen naar planten kijk, daar nog nooit Grote klit heb gevonden, heb ik nagevraagd wat men precies had gezien. In alle gevallen waren het niet-bloeiende planten geweest en de stelen van de rozetbladen waren gevuld en “dus” was het Grote klit geweest.
Volgens de flora van Heukels' (1) komen in Nederland 4 soorten klit voor. De Bosklit (A. nemerosum) wordt
alleen in Montferland gevonden, daar gaat dit stukje niet over. Van de andere 3 soorten wordt eerst de Donzige klit (A. tomentosum) op grond van kenmerken van bloemhoofdjes en bloemen van de overige 2 soorten afgescheiden en daarna worden Grote en Kleine klit o.a. aan de steel van de rozetbladen onderscheiden. Over de steel van de rozetbladen van de Donzige klit wordt niets gezegd.
Andere flora's dan.
Ik heb de flora's en relevante boeken, die bij mij in de kast staan er op nageslagen (lijst aan het einde van het stuk) met het volgende resultaat:
Steel van de rozetbladen:
Donzige klit: gevuld met merg (4); (meestal) deels met merg gevuld (3,5); hol of gevuld (2).
Grote klit: gevuld (2,4,6); tenminste onderaan met merg gevuld (1,3,5).
Dus alleen afgaande op het hol of gevuld zijn van de stelen van de rozetbladen kan je Grote en Donzige klit niet van elkaar onderscheiden. En hetzelfde geldt voor de Donzige klit en de Kleine klit, want van de Kleine klit zeggen de flora's over de stelen van de rozet-bladen: hol (3,5,6); hol, soms alleen aan de basis (1,2); min of meer hol (4). (NB dit is inclusief de Middelste klit (A. pubens) van de oudere flora's).
Andere kenmerken als beharing, vorm en grootte van de bladschijf en kleur van de onderkant van de bladschijf, lijken, als je het leest, te variabel om bruikbaar te zijn. Ik blijf dus bij mijn conclusie dat het hol of gevuld zijn van de steel van de rozetbladen geen geschikt kenmerk is om Grote en Donzige klit van elkaar te onderscheiden, noch Donzige klit van Kleine klit.
In een gebied, waarvan je weet dat er geen Donzige klit voorkomt, kunnen de bladstelen natuurlijk wel worden gebruikt voor het onderscheid tussen de Grote en de Kleine klit (bijv. in Engeland, waar de Donzige klit alleen voorkomt als een “rare casual”). Maar in het Oldambt en in een deel van de Veenkoloniën is het beter om te wachten tot de planten bloeien, want dan zijn de verschillen wel duidelijk. Als er geen tijd is voor een volgend bezoek, is het beter op de streeplijst te schrijven: Arctium sp. of Klit sp., dan tot elke prijs de plant op naam te willen brengen.
Tenslotte
Ik zou wel eens een Grote klit in Oost-Groningen willen zien. In Florbase 2G (t/m 2000) staat de Grote klit 12X voor D1 vermeld. Als dit determinaties zijn geweest alleen aan de stelen van de grondbladen, dan zijn het dus onzekere waarnemingen en zouden ze nog eens gecontroleerd moeten worden.
Anneke Nieuwenhuijs
H. Duistermaat. 1996. Monograph of Arctium L. (Asteraceae). Leiden
Het zijn op dit moment geen goede tijden voor Floron. Financieel staat de stichting er niet rooskleurig voor. Door het uitblijven van subsidie voor een aantal langlopende projecten en het grotendeels dichtdraaien van de geldkraan door het Ministerie van LNV, dreigt voor Floron een ernstig tekort. Dit heeft inmiddels tot een aantal consequenties geleid. Waar wij het meest mee te maken krijgen, is de vermindering in ondersteuning vanuit het landelijk bureau.
De structuur van de organisatie blijft echter wel bestaan. We blijven gewoon excursies houden, inventarisatiekampen organiseren en vooral km-hokken inventariseren, dus onze bijdrage leveren aan de kennis van de verspreiding van wilde planten. Met andere woorden we blijven gewoon ons prachtig werk doen.
Beste floristen Floron zit nu in zwaar weer. Laat merken dat je achter de organisatie staat. We hebben jullie hard nodig!
In Gorteria wordt het landelijk Floron-nieuws gepubliceerd en verschijnen allerlei interessante artikelen over planten in Nederland. Alle actieve medewerkers van Floron (waarvan het adres bekend is) krijgen het 'voorjaars/excursienummer' gratis; hierin vind je een overzicht van alle Floron-excursies. Wil je een abonnement op Gorteria, maak dan 20,50 euro over op bankrekeningnummer 56.61.76.254 t.n.v. Nationaal Herbarium Nederland, Leiden o.v.v. Gorteria.
Meer informatie hierover krijg je bij Marnell v. Zoelen, tel. 071 5273570 of e-mail zoelen@nhn.leidenuniv.nl
Bewijsmateriaal van bijzondere vondsten: onwaarschijnlijkhedencontrole met 'Forget'
Van sommige plantensoorten is het voorkomen op een bepaalde plaats zo bijzonder dat we je vragen om de vondst te bevestigen door middel van gedroogd materiaal of een goede kleurenfoto. Let er bij verzamelen uiteraard op dat allerlei determinatie-kenmerken (zowel zaden als bloemen bijvoorbeeld) op het geplukte exemplaar voorkomen. Let ook op de populatieomvang: het is niet onze bedoeling dat een populatie door toedoen van het Floron-werk geheel verdwijnt. Verzamel in elk geval materiaal van soorten die zeldzaam zijn in het gebied waar je loopt of die nooit in het geïnventariseerde gebied werden gevonden.
Zoals de meer fanatieken onder jullie bekend zal zijn worden alle waarnemingen die bij Floron binnenkomen eerst gedigitaliseerd. Voordat de gegevens worden toegevoegd aan de landelijke floradatabank Florbase wordt er eerst een soort 'onwaarschijnlijkheden-controle' uitgevoerd met behulp van het speciaal hiervoor ontwikkelde computerprogramma Forget. 'Forget' staat voor Fouten- en Onwaarschijnlijkheden-Registratie met behulp van GEografische Technieken . Je gegevens worden vergeleken met een bestand van eerdere waarnemingen uit de buurt van een nieuw geïnventariseerd kilometerhok en een lijst van onwaarschijnlijke soorten in een bepaald flora-district.
Jaarlijks krijgt de districtscoördinator een uitdraai van die onwaarschijnlijke waarnemingen. Deze controleert of het misschien om digitaliseerfouten gaat, door een kopie van de streeplijst erbij te pakken; dat gebeurt zelden. Als dat niet zo is neemt de dc vervolgens zonodig contact op met de waarnemer, die dan mag vertellen of het tóch juist is (dat hopen we natuurlijk), een verstreping (het moest dan een andere soort zijn die net eronder staat of zo; dit komt enkele malen per jaar voor) of gewoon een foutje (een determinatie-probleem of laten we het 'streepblindheid' noemen).
Hoe dan ook, de uitdraai en het commentaar van dc en waarnemers erop gaat naar het Landelijk Bureau terug waarna nog een eindcontrole door Ruud van der Meijden volgt. Hij neemt in het overgrote deel van de gevallen het oordeel van de dc en de waarnemers over. Uiteindelijk worden de gegevens dan aan Florbase toegevoegd.
bron: Floronia 2003/2
Floronkamp Zuid-Limburg
26 t/m 29 augustus 2004
Opnieuw keren we terug naar dit floristisch zeer rijke gebied. We gaan ons deze keer weer concentreren op het urbaan district en willen zeker aandacht schenken aan het nazomeraspect van de kalkgraslanden (vorig jaar deerlijk verdroogd).
We kunnen terecht bij:
Groepsherberg 'Onderschey'
Onderschey 3
6255 NM Noorbeek
Beheerder: Bert Janssen
tel 043 4571601 of onderschey@hetnet.nl
Deelnemers zijn op donderdag al om 12 uur welkom maar uiteraard is het mogelijk om een kortere periode aanwezig te zijn of alleen aan de dagexcursies deel te nemen. Het is gewenst zich van tevoren op te geven in verband met de organisatie (groepsindeling, inkopen enz.). De kosten voor het gehele lange weekeinde bedragen 50,- euro. Dit is inclusief overnachtingen, koffie / thee en alle maaltijden (afgezien van de donderdag), maar exclusief de genoten drankjes. Dit bedrag kan worden overgemaakt op postgiro 1656747 tnv. W.J. Stouthamer o.v.v. Floron Limburg
Nadere inlichtingen en/of aanmelding bij:
René van Moorsel, Eykmanlaan 407
3571 JR Utrecht, tel. 030 2730145
Willem Stouthamer, Zoutstraat 17-3
9712 TB Groningen, tel. 050 3143841
Landelijk Bureau van Floron
Leiden: tel. 071 5273531
De aangemelde deelnemers zullen ruim op tijd uitvoeriger informatie ontvangen waaronder een deelnemerslijst. Aanmelding direct, in ieder geval graag voor 16 augustus.
BIJZONDERE SOORTEN PROJECT 2004
In de nieuwe set van het BSP komen in de beide Groninger districten de volgende soorten voor:
Dianthus armeria Ruige anjer
Epipactus palustris Moeraswespenorchis
Equisetum variegatum Bonte paardenstaart
Glaucium flavum Gele hoornpapaver
Huperzia selago Dennenwolfklauw
(oproep Bert Oving)
Extra kan weer uitgekeken worden naar
Cirsium palustre Spaanse ruiter
Speciaal willen wij aandacht vragen als je ergens een wandeling maakt langs het Wad cq. de zeedijk van de Lauwersmeer t/m de Dollard (Duitse grens) en wilt letten op
Crithmum maritimum Zeevenkel
Beta vulgaris subsp.maritima Strandbiet
Hordeum marinum Zeegerst
en andere bijzondere en rode lijst zeeplanten/-grassen (graag direct doorgeven!)
Recente uitgaven
Atlas Nederlandse Plantengemeenschappen
Deel 3 Kust en binnenlandse pioniermilieus
info: www.knnvuitgeverij.nl of www.ilimburg.nl/~wilmeijs
Een groot aantal van jullie zal in de voorzomer verrast zijn door een pakje met de nieuwe inventarisatieatlas erin. Uit de bijgaande brief was niet geheel duidelijk waar dit geschenk vandaan kwam. Het uitbrengen van een deze atlas is een gezamenlijk initiatief van Vereniging Onderzoek Flora en Fauna (VOFF) en Vogelbescherming Nederland. Dankzij subsidies van o.a. het VSB-fonds en het Prins Bernhard Cultuurfonds kon de atlas op ruime schaal gratis aan actieve vrijwilligers van de diverse PGO's (dat zijn de 'Particuliere Gegevensverzamelende en -beherende Organisaties, waaronder Floron, Sovon, Vlinder-stichting enz.) worden toegestuurd. Hiermee willen de PGO's hun waardering voor de inspanningen van alle vrijwilligers in de afgelopen jaren actief nog eens benadrukken. Voor Floron kwamen die vrijwilligers in aanmerking die in de voorgaande twee jaar actief zijn geweest en op de verzendlijst van het voorjaars-nummer van Gorteria stonden. Andere belang-stellenden kunnen de atlas (topografische kaarten 1:50.000 in kleur verkleind naar 1:69.000 in kleur) voor 24,95 euro verkrijgen bij de winkel van Vogelbescherming Nederland
Natuur in cijfers
info: www.natuurcompendium.nl
Kort geleden verscheen een prachtige nieuwe inventarisatieatlas, dit maal van Oost-Gelderland. Louis-Jan van den Berg en Benno te Linde hebben, gesteund door vele vrijwilligers, in de periode tussen 1989 en 2001 uitvoerig geïnventariseerd met als resultaat het verschijnen van een uitgegeven flink uit de kluiten gewassen naslagwerk: De Atlas van de Flora van Oost-Gelderland.
De oostelijke helft van Gelderland is bij veel liefhebbers van de wilde flora goed bekend. Van de bekende natuurgebieden zoals het Korenburgerveen en de Bekendelle bij Winterswijk, Montferland, de Kruisbergsche Bosschen, de Veluwezoom en de Millingerwaard is de flora ook in andere publicaties beschreven. Wat er in de minder bekende natuur-terreinen, in agrarisch gebied en in de bebouwde gebieden groeit, is maar bij een enkeling bekend. Met het verschijnen van de atlas is de flora van Gelderland ten oosten van Apeldoorn en Nijmegen volledig in kaart gebracht. In totaal hebben de auteurs ruim een half miljoen gegevens van vierkante kilometers van in totaal zo'n 1900 soorten verwerkt tot ruim 1100 verspreidingskaartjes (!)
Inleidende hoofdstukken gaan in op de ontwikkelingen en veranderingen in de Oost-Gelderse Flora, het onderzoek naar de verspreiding van wilde planten en de plantengeografische ligging van Oost-Gelderland. Het boek is een 'must' voor liefhebbers én professionals.
ISBN 90 9016181-3. Prijs 59,50 euro inclusief verzendkosten en BTW. De atlas is te bestellen door het bedrag over te maken op rekening 3748.79.869 van 'Stichting de Maandag', 's-Herenhof 68, 6909 DC Babberich. Vergeet niet in de omschrijving postcode en huisnummer van het bezorgadres te vermelden. Voor informatie:
tel. 0316-248928, e-mail flora-atlas@planet.nl
(bron: persbericht)